Week 2014/48

Maandag startte ik mijn dag met een looptochtje en daarbij liep ik voor het eerst in een paar maanden nog eens een uur aan een stuk. Ok, eigenlijk niet helemaal aangezien ik een paar minuutjes stilstond om te kijken naar dit eekhoorntje, maar wie loopt daar nu ook voorbij? 😉
Ik liep dit keer iets trager dan eind juli (7,5 km/u gemiddeld i.p.v. 8 km/u), maar het ging wel een pak vlotter. Toen waren de laatste tien minuten er eigenlijk wat te veel aan, maar was ik te koppig om dat uur nog te laten liggen; dit keer had ik misschien zelfs nog wat langer kunnen lopen. Het tempo is dus nog vrij traag, maar dat maakt mij niet uit, ik ben vooral zeer content dat ik dat gewoon kan, een uur aan een stuk lopen zonder stikkapot te zijn. Wie had dat ooit gedacht?

Het werd uiteindelijk een zeer sportieve loopweek, want woensdag moest de auto naar de garage voor de wissel van zomer- naar winterbanden en profiteerde ik van het uurtje wachten om opnieuw te gaan lopen. Bijna een uur dit keer met tussendoor een paar minuutjes wandelen, wegens een verkeerd bospad gekozen en geen goesting om op een steile afdaling tegen de grond te gaan. Zaterdag liep ik opnieuw; dit keer een half uur, maar wel aan een iets hoger tempo (9 km/u, voor mij is dat al vrij snel). Straks ga ik nog een echte loopster worden seg 😉

Deze week kreeg ik ook rare post: een gratis luier. Blijkbaar loopt er momenteel een actie, waarbij er per gekochte pamper nog iets extra naar het goede doel gaat. Heel tof allemaal natuurlijk, maar ‘t is nogal onnozel om zo’n reclame te sturen naar mensen zonder kinderen. En neen, ‘t is niet omdat ik 27 ben en een relatie heb, dat ik sowieso een kleine heb rondlopen. Gelieve dat te noteren Migros, dank u.

Donderdag vertrok ik naar België om in het onooglijke dorpje Amay (vlakbij Huy) een opleiding te gaan volgen bij het Centre des métiers du patrimoine. Vrijdag was een dag theorie, volgende week ga ik een ganse week leren stenen te kappen en te bewerken volgens de oude technieken. Best wel spannend dus!

De reis Zürich-Amay bracht mij onder andere langs het station Liège-Guillemins.

Het Collégiale Notre-Dame de Huy, dat we vrijdag bezochten. Later meer over de theoriedag en de praktische opleiding; ik ga dat in één blog gieten.

Tijdens het weekend ging ik naar huis en werd er geshopt, met als buit zwarte laarzen, zwarte pumps en een (quasi gratis, wegens tweedehands) kleedje. Euhm ja, doordat ik aanvaard werd als werkloze voor die opleiding (wat niet echt zeker was, aangezien ik niet ben ingeschreven bij een VDAB of iets dergelijks) moest ik maar de helft van het inschrijvingsgeld betalen en had ik dus wat budget over. En schoenen zijn dan uiteraard de beste keuze om dat geld dan aan uit te geven, hum hum. Ter mijner verdediging: ik had geen zwarte laarzen en mijn huidige zwarte pumps zijn versleten en vooral te groot. Jawel, te groot, want mijn voeten zijn op miraculeuze wijze op een paar jaar tijd van maat 39-40 naar 38 gekrompen; die laarzen waren nu verdorie zelfs maar een maat 37 meer (mét kousen). Geen idee hoe dat kan en ik hoop vooral dat dat zich niet blijft verderzetten, want op deze manier shop ik binnen 5 jaar bij de kinderen…

Ik zette al het treingelees ook bij mijn ouders verder met o.a. de dunne boekjes Marcel van Erwin Mortier en Wit is altijd schoon van Leo Pleysier. Daarnaast las ik ook het eerste deel van de bachelorthesis van Emilie na, altijd interessant om te lezen over zaken waar ik niets vanaf weet, in dit geval maaren, ofte een soort vulkanische kraters, in Oost-Afrika.

Zondag vertrok ik terug naar Amay, wat een hele onderneming werd. Het eindigde ermee dat ik een taxi moest nemen van Huy naar Amay, bye bye 25 euro en boehoe voor de TEC. Serieus gasten, als een bus volgens de website stopt aan halte X en aan die halte hangt ook een uurrooster van de desbetreffende bus, dan is het echt wel niet normaal om die bus onaangekondigd niet te laten passeren daar, maar wel aan een halte een kwartier stappen verder. Al zeker niet als het de laatste bus van de dag is!
Ik was dus zeer blij toen ik eindelijk bij het opleidingscentrum toekwam, dat gevestigd is in een voormalige abdij. Dat is uiteraard aan de gebouwen te merken, maar ook aan de logeerkamers, die elk vernoemd zijn naar een van de vroegere abdissen.

Week 2014/45

De week startte met de fantastische ontdekking dat aardvarkens in het Engels gewoon aardvarks heten. Lang leve de leuke cartoons van Harold’s Planet 🙂
Dat deze naam zo Nederlands aandoet komt – althans volgens Wikipedia – omdat de Engelse taal zich inspireerde op het Afrikaanse woord erdvark (vrij gelijkaardig dus als bij wildebeest).

Daarnaast was het ook nagenieten van de onverwachte cadeautjes die we dit weekend kregen. Mijn moeder maakte een lekker warme sjaal, die perfect past bij de muts die ik vorig jaar kreeg. Van mijn broer en zijn vriendin kregen we dan weer een pakketje Ethiopische etenswaren van bij Kokob in Brussel (aanrader!) met koffie, thee, bier en deze vier kruiden. Binnenkort gaat er hier dus zeker Ethiopisch gekookt worden!

Dinsdag slaagde ik er eindelijk in om bloed te geven! Het werd dus “vierde keer, goede keer“, al durf ik nog niet helemaal victorie kraaien, aangezien mijn bloed na analyse nog steeds afgekeurd kan worden. Fingers crossed dat ik geen vitaminetekorten heb!

Donderdag stonden we op met dit zicht. Op foto is het niet zo duidelijk (op klikken voor een vergroting), maar er ligt dus wel degelijk sneeuw op de helling waar we op uitkijken!
Tegen de middag was het natuurlijk wel weer al gesmolten, maar ik had desondanks niet verwacht om al op 6 november wakker te worden met zicht op sneeuw.
Enige nadeel ervan: ik had wel even schrik dat het te koud ging worden voor de geplande wandelingen en fietstocht tijdens het driedaagse bezoek van mijn ouders, die donderdagavond aankwamen.

Gelukkig bleek dat volledig ongegrond, want zo grijs als het donderdag was, zo stralend blauw was de hemel op vrijdag. Dat leverde tijdens ons bezoek aan Zürich ondermeer dit zalige herfstbeeld op.

Zaterdag deden we een fietstochtje in de buurt, waarbij pas echt duidelijk werd hoeveel sneeuw er hier in de buurt wel niet gevallen is. Dit is bijvoorbeeld op amper 15km fietsen van bij ons, te midden van de sneeuw. Vergelijk ook zeker met de foto’s van twee weken geleden! ‘t Is direct iets heel anders, zo’n sneeuwlandschap.

Zondag wilde we oorspronkelijk de wandeling vanaf de Sustenpass doen, maar de pas bleek al afgesloten en dus werd Stoos de uitvalbasis. Ook hier weer verbazing over de sneeuw (ik weet het, hoe vaak kunt ge u zo over iets blijven verbazen 😉
Deze foto is op ongeveer 1600m hoogte!

Meer foto’s van het weekend komen er nog aan, maar de foto’s zijn nog niet allemaal gesorteerd en ik wijd er liever een apart berichtje aan, kwestie van geen half boek van elk bericht te maken 🙂

Week 2014/43

Ik had in België al eerder informatie opgezocht over bio-groentepakketten, maar vooraleer de beslissing genomen kon worden over welk pakket, aan welke frequentie en bij welke leverancier, waren er iets belangrijkere verhuisbeslissingen die dat alles een beetje overbodig maakten. Tijdens de eerste maanden hier heb ik er eerlijk gezegd weinig bij stilgestaan, tot ongeveer een week geleden. En daar waar ik in België veel te veel nadacht over hoe of wat, besloot ik nu maar gewoon een bedrijf te testen en te zien wat het zou geven.

Dinsdag werd dan ook ons eerste “degusteerpakket” geleverd, zijnde een pakket aan een iets goedkopere prijs om een idee te krijgen van het systeem. De inhoud bestond uit prei, bloemkool, pompoen, wortels, gedroogde appels, gewone appels en peren en dat was qua hoeveelheid zeker ok: wij haalden 7 porties uit een pakket bedoeld voor 1 à 2 personen, terwijl we in principe 9 porties nodig hebben, zijnde vijf weekdagen enkel voor mij en twee weekenddagen voor ons allebei. Bovendien heb ik graag wat speling: als er zoveel in zou zitten dat elke dag bepaald is, dan ben je bijna verplicht te koken op drukke momenten (of in de dagen ervoor) in plaats van simpelweg een op voorhand gemaakte diepvriesportie te eten én is er ook geen ruimte voor “goestingskes van het moment”. 
De kwaliteit was zeker goed en ook de levering is praktisch, want als ik toevallig niet thuis ben (zoals nu al het geval was), dan kan ik het pakket gewoon afhalen bij een postpunt.

Conclusie: dat gaat hier nog besteld worden!

Qua aanvulling op het groentepakket heb ik overigens vlakbij een boerderij gevonden, waar je o.a. een beperkt assortiment groenten en fruit, maar ook eieren en melk kan kopen.

Vrijdag ging ik in de voormiddag opnieuw naar de German Study Group, waar ik momenteel meer anderen begeleid dan zelf nog veel eigen oefeningen te maken. Minstens even leerrijk, zij het op een andere manier natuurlijk!
‘s Namiddags genoten we van het zonnetje in Zürich centrum, waarbij ik altijd een beetje moet gniffelen om de Schu(h)macherei.

Het plein aan de Fraumünsterkerk diende vandaag als verzamelplek voor koebeldragers (of hoe je dat ook noemt). Tja, soms is het hier moeilijk om het Heidi-in-Tirol-gevoel te vermijden. 

Zaterdag ging ik naar een rondleiding van Zürich liest, een boekenvierdaagse met lezingen, voorstellingen en dus ook rondleidingen. Het zag er een veelbelovende combinatie uit van architectuur en literatuur, maar het bleek nogal tegen te vallen. Er was namelijk veel te veel volk: zo’n 60 à 70 mensen voor één, nogal stille, gids. De helft van de tijd hoorde je dus niet waarover de gids bezig was en de andere helft… tja, soms was het heel interessant zoals bijvoorbeeld dit gebouw dat oorspronkelijk het Zürichse congreshuis was, maar dat dan is omgebouwd tot garage (soms vraag je je af waar beleidsmensen met hun gedachten zitten op zo’n momenten, maar soit). Voeg een paar verdiepingsvloeren toe en hup, weg met de oude grandeur. Zeer spijtig, maar wel leuk om weten dat er een hele geschiedenis verborgen gaat achter wat een ordinaire garage lijkt te zijn.
Jammer genoeg waren dit soort interessante momenten te beperkt en waren de uitgekozen literaire fragmenten ook vaak veel te lang (en langdradig). Omdat het ook vrij koud begon te worden, ben ik dan maar wat vroeger terug naar huis gegaan.

Slechte foto van een foto van de oude congreszaal

Bovenste verdieping van de garage, waar je – als enige getuigen van vroeger – nog de dakconstructie kan zien

Zondag was ik overdreven vroeg wakker (5u45 wintertijd wakker; 7u00 wintertijd opgestaan), maar blijkbaar leidt zo’n slaaptekort tot overmoedigheid: ik haalde namelijk mijn laptop voor een deel uit elkaar (t.t.z. toetsenbord half los, idem met die strook waar de powerknop zit). U merkt het al aan mijn doorgedreven kennis van het IT-jargon, ik wist waar ik aan begon, hum hum. Reden voor deze risicovolle onderneming was het feit dat mijn laptop steeds vaker (en ook al veel te lang) stofzuigerambities vertoonde. Als je bijna een zucht van opluchting slaakt, wanneer dat ding eindelijk even mindert en het opnieuw stil wordt in de kamer, ja, dan is het dus tijd om er iets aan te doen. En amai, ik had dat dus al veel langer moeten doen: ter hoogte van de ventilator zat het luchtrooster naar buiten quasi volledig verstopt: hele plukken stof heb ik er uitgehaald, geen wonder dat die compleet in overdrive moest gaan om zelfs maar een beetje geventileerd te geraken. Is hij nu opnieuw muisstil? Mja, dat nu ook weer niet, maar ik vermoed dat ik het daarvoor te ver heb laten komen. De stofzuigernabootsingen zijn wél verdwenen – het lijkt nu eerder op een zacht geruis -, dus het heeft wel degelijk nut gehad. Wie weet, straks blijft mijn laptopje toch nog leven!

In de namiddag besloten we te profiteren van het goede weer en een fietstochtje te maken richting Ägeri.

We spotten daarbij deze “Bloodhound Lenkwaffenstellung”, die na nader opzoekwerk gelukkig een museum blijkt te zijn en geen slecht verstopt luchtafweergeschut.
In de jaren zestig, Koude Oorlog-tijden dus, werden een aantal ASMP’s (Air-Sol Moyenne Portée), ofte nucleaire raketten, opgesteld in de buurt van het dorpje Gubel. Tot 1999 was dit (uiteraard) allemaal top secret, maar sindsdien is het geheel buiten werking gesteld en beschermd als “Monument met regionale waarde”.

Twee bochten verder waren het niet langer de wapens, maar wel de natuur die mij naar adem deden happen. Het heeft duidelijk al gesneeuwd hogerop, want deze bergen zijn niet zo hoog.

De Ägerisee, het keerpunt van onze tocht die uiteindelijk zo’n 45km zou bedragen. Leuk toertje, waarbij we een ander stukje “buurt” verkend hebben, maar waarvan we – dat blijft de constante – toch weer met zware benen thuisgekomen zijn.

Week 2014/42

Maandag deed ik met een brief naar de decaan nog een laatste poging om toch mijn studie te mogen verderzetten. De kans is klein dat er nog iets uitkomt, maar dan moet ik mij op zijn minst al niet blijven afvragen of er misschien toch nog een kansje had ingezeten.

Ik las dinsdag (eindelijk) La Divina Commedia van Dante uit en kon mij dus woensdag ten volle op The picture of Dorian Gray storten, mijn keuze in het kader van de “Ik lees Engels”-maand, georganiseerd door Plien.

Donderdagavond ging ik naar in El Lokal naar een theatervoorstelling kijken van de afgestuurde studenten van de Master of Arts in Theater van zowel de Kunsthogeschool van Zürich als die van Bern. Voor de studenten is het zo’n beetje hun instap in het echte leven, aangezien er ook talentenscouts aanwezig zijn. Er wordt daarom niet één stuk gespeeld, maar wel verschillende losstaande scènes, zowel recente als antieke stukken. Aangezien ik dat niet op voorhand was, was het even wat verwarrend 🙂
Ik vond dat de studenten een vrij goed niveau haalden; de scènes zaten goed in elkaar, met zowel humoristische als eerder zwaardere scènes. Wel vond ik de Zürichse studenten beduidend beter spelen dan die van Bern. Die laatsten waren te vaak te hard aan het proberen tonen hoe goed ze emoties konden spelen. Dat is ergens ook wel normaal; ze staan immers nog maar aan het begin van hun carrière, maar als het verword in een soort doelloos geroep, ja, dan ga je misschien een beetje voorbij aan het concept “emotie uitdrukken”. Dat kan door roepen, uiteraard, maar er is wel nog wat meer mogelijk dan dat. Neemt niet weg dat de avond zeker de moeite waard was!

Zaterdag deden we een wandeling richting Tierberglihütte, waar we eindigden op de prachtige sneeuwvlakte van de Steingletsjer en de Steinlimigletsjer. Een apart berichtje volgt nog, want één foto is gewoon te weinig om die plek eer aan te doen!

Zondag begon ik de dag al om 8u met een ochtendloop, gevolgd door twee yogalessen. Kijk eens die herfstkleurtjes in het bos, ik word daar helemaal blij van. Zeker zo ‘s morgens vroeg wanneer je bijna helemaal alleen rondloopt. Stilte, enkel verstoord door wat knisperende blaadjes onder je voeten en je eigen adem. Za-lig!

Week 2014/41

Die keer met het bloedcentrum van Zürich

Maandag startte met een klein attackske toen mijn laptop plots sneeuw vertoonde. Gelukkig bleek gewoon eens heropstarten wel te volstaan, maar de schrik zit er toch in dat ik een van dezer dagen geen geluk meer ga hebben. De cd voor herinstallatie ligt nog bij mijn ouders thuis, dus voorlopig hoop ik dat een volledige opkuis zonder herinstallatie volstaat.

Dinsdag ging ik naar een German Table om 19u en besloot ik op voorhand langs te gaan om bloed te geven. Op de website van het bloedcentrum stond dat ik als nieuwe donor een uur voor sluitingstijd aanwezig moest zijn, ofte dus ten laatste om 18u. Ik kwam aan om 18u03 en… mocht geen bloed meer geven. Ah ja, 57 minuten is geen uur he. Zwitserse stiptheid, meestal plezant, soms ook een beetje grrrr.

Brave donor die ik ben, besloot ik dan maar woensdagochtend direct terug te gaan. Dit keer mocht ik wel op onderzoek bij de dokter, maar… mocht ik nog steeds geen bloed geven. Blijkbaar moet je minstens een maand terug zijn uit een land als Egypte en ja, dat was dus nog niet het geval bij mij. Een van de verpleegsters vond het een beetje gênant dat ik al twee keer voor niets was gekomen en drong er op aan dat ik drank en eten zou meenemen, maar dat vond ik dan weer wat gênant, ik had tenslotte niet eens bloed gegeven en had dus geen “versterking” nodig. Nu ja, ik snap haar wel, tenslotte wil je je donoren vooral motiveren zodat ze regelmatig bloed komen geven. Iemand twee dagen na elkaar naar huis moeten sturen, is dat natuurlijk niet echt, dus ik denk dat ze wat schrik had dat ik misschien helemaal niet meer ga terugkomen. No worries, binnen een tweetal weken ga ik terug en bloed geven zal ik! 😉
Enig voordeel: was ik bloed gaan geven, had ik niet meer mogen sporten, nu kon ik wel nog een half uurtje gaan lopen.

‘s Avonds maakte ik voor het eerst confituur, maar daar ga ik nog een apart postje aan wijden.

Wij wonen vlakbij het Wildnispark Zürich, dat enerzijds bestaat uit het Sihlwald, een beschermd natuurgebied (een zaligheid om te gaan lopen en fietsen), en anderzijds Langenberg, een dierenpark. Hoewel we hier nu toch al een tijdje wonen, gingen we daar deze week pas voor het eerst eens een kijkje nemen. We werden al onmiddellijk verwelkomd door een stel vechtende alpensteenbokken, ook de enige beesten waarvan ik nog foto’s kon nemen voor het te donker werd. Spotten we verder ook nog: vier wolven, wat herten in de verte en wilde zwijnen. Er zit nog veel meer natuurlijk, maar we bezochten maar een klein stukje van het park en bovendien waren sommige beesten te goed verstopt (onder andere de beren en de lynxen). Het blijft altijd een beetje dubbel, zo’n dierparken: de dieren krijgen, in vergelijking met andere dierenparken waar ik al geweest ben, wel veel plaats; het is goed voor wetenschappelijk onderzoek of voor het verderzetten van de soort (zo kunnen otters in de Sihl momenteel niet overleven in het wild, omdat er te weinig vis in de rivier zit; in het park worden ze wel nog in stand gehouden). Maar uiteindelijk zijn en blijven het dieren in gevangenschap natuurlijk. 

Vrijdag nam ik deel aan een vrij interessant colloquium over steenimitatie aan de ETH (Faculteit architectuur, Instituut voor Monumentenzorg). Ook het moment om eens te polsen naar mogelijkheden voor een doctoraat, maar dat leverde jammer genoeg weinig op. Het hoofd van het instituut gaat binnenkort op pensioen, dus zij wilt zelf geen nieuwe doctoraatsstudenten meer begeleiden en blijkbaar is er nog geen vervanging in zicht, waardoor dat allemaal wat stilligt. Idem met de organisatie van hun MAS Conservation Science, die er heel interessant uitzag. Allebei is dat dus iets voor ten vroegste binnen 2 à 3 jaar; jammer, maar wel goed om te weten. Of het dat instituut veel deugd gaat doen om een aantal jaar geen nieuwe instroom te hebben, vraag ik mij ook wel af…