Tikkertje: Liebster award

Ik kreeg een tijdje geleden een Liebster award van Appelstien, die mij 11 leuke vragen stelde:

Ziet ge uw beste vriend/vriendin uit de lagere school nog?
Nee, eigenlijk heb ik noch met mensen uit de lagere, noch met die uit de middelbare school nog contact (op een verdwaalde like op Facebook niet te na gesproken). Mensen groeien uit elkaar zeker?

Wat was de meeste leerrijke cursus die ge ooit gevolgd hebt?
Puur inhoudelijk heb ik al best wel wat interessante cursussen gevolgd: zo was die over fotografie begin dit jaar heel tof (al moet ik eigenlijk nog meer oefenen), volgde ik een praktisch opleiding van een week over bewerking van natuursteen, wat zowel interessant als fysiek zwaar was.
Uiteindelijk denk ik dat mijn duikopleiding hier wel als winnaar mag staan, omdat die naast interessant en intensief ook gewoon het beste “resultaat” ooit opleverde, zijnde de liefde van mijn leven 🙂

Naar waar gaat uw volgende reis?
Normaalgezien naar Curaçao, waar we een weekje gaan duiken! Al kan dat nog geannuleerd worden als ik een job zou vinden, dus we zien wel 🙂

Wat is uw favoriete vogel?
Stien is zelf helemaal into vogels de laatste tijd, maar ik moet toegeven dat ik vogels weliswaar heel leuk vind om naar te kijken, maar dat ik bijzonder slecht ben in het herkennen ervan. Ik ben nochtans opgegroeid met een tuin boordevol vogeltjes en toch kan ik met moeite een mus van een vink of een mees onderscheiden. Schaamtelijk he?
Hier kijk ik vooral graag naar de roofvogels (ik vermoed buizerds en havikken) en reigers, al blijven de machtigste vogels die ik al zag de arenden in Canada.

Amerikaanse zeearend (Le petit requin)

In welk land zou ge ooit wel willen wonen?
Goh, op zich spreken Frankrijk (Parijs! de Provence!) en Duitsland (Berlijn!) mij het meeste aan, maar Zwitserland zou vroeger bijvoorbeeld nooit op zo’n lijstje terechtgekomen zijn, enkel en alleen omdat ik er nog nooit geweest was, terwijl ik hier nu wel heel graag woon.

Hoeveel en welke fiets(en) hebt ge?
De oudste van de bende is mijn stadsfiets, gekregen toen ik naar het middelbaar ging. ’t Is een blauwe Oxford met best wel veel versnellingen voor een stadsfiets, die ik eigenlijk pas nu – nu hij bejaard is – echt ten volle benut. De laatste uitstap die ik er mee deed was naar Vaduz, maar dit fietsje ging onder andere mee met mij op Erasmusuitwisseling en zag dus best wel al wat van Europa 🙂

Le petit requin

Niet veel jonger (één jaar) is mijn koersfiets, een Bianchi. Op dat moment was het kader al een beetje ouderwets; vandaag de dag kan het echt wel als retro beschouwd worden 🙂
Mijn langste afstanden per dag legde ik met deze af en daarbij blijf ik het bizar vinden dat deze fiets – gekocht op de groei – mij fantastisch goed paste tussen mijn dertiende en mijn (ruw geschat) 23ste en daarna te groot bleek te zijn! De stuurpen werd ondertussen ingekort, maar desondanks blijft het een beetje schipperen.

Le petit requin

De jongste – en toch meest versletene – van de bende is mijn Thompson mountainbike, waarmee ik mijn eerste “technische” stapjes zette. De typische Vlaamsche modder, de Kempense zandgrond, hertjes in de Ardennen en een meerdaagse in Luxemburg en Duitsland… ook deze fiets maakte best al wat mee. Het is er ook aan te voelen, want de laatste tijd rijdt hij minder en minder vlot, zodat ik een vervanger gezocht heb (en enkel nog moet bestellen). Deze ga ik waarschijnlijk nog één keer binnenbrengen bij de fietsenmaker om hem daarna als “mudbike” te gebruiken vooraleer ik hem definitief naar de eeuwige fietsvelden verwijs.

Le petit requin

De ene vindt drie fietsen ongetwijfeld overdreven veel, de andere weinig. Nu ja, ik kom uit een fietsfamilie waar elk gezinslid meerdere fietsen heeft, ook Johan is dezelfde weg ingeslagen sinds hij mij kent (van geen enkele fiets naar dezelfde drie types 🙂 ). Ook al heb ik tegenwoordig meerdere sportieve hobby’s, fietsen is en blijft mijn eerste grote sportliefde!

Wat vindt ge momenteel het leukste liedje op de radio?
Ik luister eigenlijk weinig naar de radio en als ik dat al doe, dan is het om de Zwitsers te horen praten zodat ik Zwitsersduits kan oefenen 🙂
Toch luister ik wel vaak naar muziek (zij het minder dan vroeger) en daarbij is mijn favoriet momenteel Leonard Cohen.

Wat is het lekkerste dessert dat ge kent?
Wat een vraag! 😉 Ik ben een dessertliefhebber pur sang, dus mij beperken tot één dessert is quasi onmogelijk. Als kind was ik het meeste fan van de chocoladetaart van mijn moeder en dat vind ik vandaag nog steeds een topper, al zou ik nu misschien eerder gaan voor een frambozenbavarois met een bodem uit speculaas. Of tiramisu! Of appelcake! Of chocomousse!
(Zie je wel dat die suikervrije maand afzien gaat worden 😉 ).

Tiramisu met ananas en kokos (Le petit requin)

Hoe heet(te) uw huisdier / knuffeldier / virtuele vriend(in)?
Onze hond heette Griffith, niet de meest voorkomende hondennaam en dat is helemaal te wijten aan mijn vader, die zot is van auto’s en daarom graag een autonaam wilde. Nu vonden zowel hij als wij een naam als “Porsche” of “Lamborghini” een beetje belachelijk voor een hond en dus werd hij vernoemd naar de TVR Griffith. Officieel heette hij – als ik het mij goed herinner – trouwens Valentino, omdat alle honden dat jaar een naam beginnende met een V moesten hebben, maar meer dan een officiële naam is dat nooit geweest.
De ezel heeft trouwens ook een autonaam, namelijk Miura (naar een model van Lamborghini). De schapen bleven meestal naamloos en de ondertussen ook overleden gans ging door het leven als Madam.

Wat is uw favoriete strip (of zegt ge: beikes, strips?!)?
Als kind las ik heel graag Suske & Wiske, omdat ik dat een leuke combinatie vond van historische feitjes en fictie (ge moogt mij een nerd vinden nu ja). Tegelijk vond ik Urbanus ook heel plezant omwille van de plattere humor. Kiekeboe was ook nog wel tof; Jommeke daarentegen vond ik doodsaai.
Tegenwoordig lees ik nog altijd wel eens graag een strip (al noemt dat dan een graphic novel zeker?), waarbij Persepolis van Marjane Satrapi een van mijn favorieten is. Recent las ik ook Stitches van David Small, die enorm de moeite was!

Wat is het langste dat ge al van huis bent geweest, en naar waar was dat?
Als ik het puur hou op reizen, dan was Canada het langste met drie en een halve week.
In Cottbus was ik vijf maand, maar ja, is dat nog “weg van huis” als je je daar thuis voelt? In theorie waarschijnlijk wel, want ik was nog steeds gedomicilieerd bij mijn ouders en de “wegblijfperiode” was ook op voorhand bepaald.

Ik nomineer (als ze daar zin in hebben natuurlijk):

Mijn vragen aan hen zijn:

  1. Welk boek ben je momenteel aan het lezen?
  2. Waar ging je laatste reis naartoe?
  3. Wat was de mooiste dag in je leven?
  4. Wat vind je je leukste eigenschap?
  5. Wat heb je gisteren gegeten?
  6. Wat was je favoriete vak op school?
  7. Wat is de leukste plek die je ooit bezocht?
  8. Chocolademousse of tiramisu?
  9. Waarom ben je gestart met bloggen?
  10. Wat is je favoriete kledingstuk?
  11. Hoe start je jouw dag?

Doodgewone dingen (2)

In januari verschenen er overal, waaronder hier, lijstjes met “doodgewone dingen”. Al meteen na het publiceren kon ik al weer vijf nieuwe dingen aan dat lijstje toevoegen, dus krijgen jullie er nog eentje 🙂

Die Sonne (Le petit requin)

  1. Een nieuwe pot van iets opendoen. Bij voorkeur choco (al eet ik dat zelf niet)
  2. Dwarrelende sneeuw
  3. Naar de bibliotheek gaan
  4. De selfscan in de winkel: kassa’tje spelen voor echt (ik negeer hier even het aspect dat er ook met echt geld moet betaald worden)
  5. Twee dagen quasi enkel Frans horen en spreken
  6. Na een week in het “buitenland” (België 😉 terugkomen in Zwitserland, begroet worden met een “Gruezi” en mij meteen weer thuis voelen
  7. Knuffelen met Johan
  8. Mijn Spaans dat heel ver weg zit, terug een beetje opfrissen
  9. Vogeltjes die van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat zitten te fluiten. Jeeej voor lente!
  10. Samengaand met dat vorige puntje: de lentezon!
  11. Snuisteren in de boekenkast en nadenken welk boek als volgende aan de beurt zal komen
  12. Leuke uitstapjes
  13. Alleen eten op restaurant: in het begin was het wennen en hoewel ik nog steeds liever met twee of meer ga eten, is het eigenlijk ook wel fijn om rustig alleen te eten en een boekje te lezen ofzo
  14. Stevigere polsen dankzij yoga
  15. Een boek lezen dat veel vragen oproept en blij zijn dat ik ze nog aan mijn grootmoeder kan stellen
  16. Een leuke tentoonstelling bezoeken
  17. Zelf confituur maken
  18. Lekker brood maken en je de juiste mengeling nog herinneren van de avond tevoren (ik heb namelijk nogal de neiging om gewoon random broodsoorten bij elkaar te kappen)
  19. Een steile afdaling tijdens het skiën vlot durven nemen
  20. Goede gesprekken

Tikkertje: 3-tag

aMuse Rouge tagde mij voor de 3-tag, die oorspronkelijk bedacht werd door Tiny.

Ik moet starten met een foto die te maken heeft met het getal drie; hoewel ik er even over moest nadenken was er eigenlijk geen enkele foto die hier beter bij kon passen als onderstaande.
Hij toont immers de drie-eenheid “Aarjen – fiets – Mont Ventoux”, die jarenlang trouw mijn zomers kleurde (mijn broer ook daarbuiten natuurlijk!) en is bovendien genomen na onze derde beklimming van de Ventoux die dag, waarbij de triple op onze fiets zeer goed van pas gekomen is. En zo hebben jullie meteen 3x 3 in één foto 😉

Cinglé du Venoux (Le petit requin)

1. Welke 3 dingen zijn voor jou onmisbaar bij het bloggen?

  • Laptop
  • Fototoestellen (dagdagelijks kleintje en de spiegelreflex)
  • Blogplatform

2. Welke 3 dingen mogen niet op een blog ontbreken?

  • Leuke schrijfstijl
  • Foto’s (al naargelang het type blog al dan niet noodzakelijk, maar sowieso altijd geapprecieerd)
  • Persoonlijkheid (niks tegen bloggers die de ene review na de andere productaanbeveling online zwieren, maar als dat het enige is dat er te lezen valt en er geen greintje persoonlijkheid in doorschemert, ben ik weg)

3. Over welke 3 onderwerpen schrijf je het liefst?

  • Zwitserland: zonder Zwitserland was deze blog er waarschijnlijk nooit gekomen en eigenlijk zou ik graag nog meer over het land schrijven, o.a. door onze uitstappen hier meer aandacht te geven. Idealiter maak ik daar dan meteen een reisrubriek van met vb. ook teksten en foto’s over onze duikreis naar Egypte, citytrips… Work in progress 🙂
  • “Week in woord in beeld”: omdat ik het hier over vanalles en nog wat kan hebben, zoals kleine dingetjes die mij opgevallen zijn, maar die niet per se een blog op zichzelf waard zijn (om een recent voorbeeld te noemen: de “afvoering” uit België)
  • Lijsjes: om maar meteen de rest van blog zo ongeveer samen te vatten 😉 . Lijsjes met voornemens, lijstjes met wat ik gelezen heb, lijstjes met mijn weekmenu… Jup ik ben een lijstjesmens… en dan hou ik mij hier nog best wel in, want op mijn computer zijn nog meer lijstjes te vinden 🙂

4. Wat zijn de 3 populairste posts op je blog?
Afhankelijk wat je onder “populair” verstaat, kom ik tot een andere top drie. De lijst op basis van pageviews toont vooral dat ik een beginnende blog ben 🙂 . Eens vernoemd worden op een “grote blog”, zorgt dan meteen ook voor beduidend hogere bezoekersaantallen:

Als ik kijk naar de blogs waar het meeste op reageert wordt, dan zijn dat deze drie:

Le petit requin

5. Welke 3 dingen wil jij uitstralen/bereiken met je blog?
Pfff, moeilijke vraag seg. Een poging tot:

  • Familie en vrienden op de hoogte houden van onze belevenissen hier in Zwitserland: dit is de reden dat ik ben beginnen bloggen, al zuchten die mensen vermoedelijk tegenwoordig al eens bij al de andere lectuur die ze hier moeten doorploegen 😉

Le petit requin

  • Mensen inspireren: oh boy, klinkt een beetje hoogdravend he? Niet dat ik goeroe-ambities heb, maar inspireren in de zin dat iemand bijvoorbeeld een boek leest omdat hij/zij het hier tegenkomt, dat iemand een recept hier uitprobeert en dat lekker vindt, dat iemand zich soms misschien eens herkent in wat ik schrijf…
  • Beter leren schrijven: dit is een persoonlijk “doel”; ik schrijf graag, maar er is nog werk aan de winkel. Meer leren schrappen bijvoorbeeld, ik ben zo slecht in schrappen (waarvoor mijn excuses)!

6. Via welke 3 sociale media is jouw blog te volgen?
Euhm ja, ik ben nogal een sociale media nitwit vrees ik. Aan Instagram, Twitter en andere toestanden doe ik vb. niet mee, al kan je mijn Project 365 wel volgen op Google Plus. Jaja, dat platform dat geen kat gebruikt ja, dáár ben ik uiteraard wel te vinden! 😉

Al bij al kan ik er wel drie bij elkaar rapen, al dragen ze niet allemaal de naam van mijn blog (alhoewel: Le petit requin en Haaike zijn natuurlijk wel gewoon synoniemen):

Tja, het blogboek lezen en dan nog niet vollenbak aanwezig zijn op sociale media, shame on me seg 😉

7. Wat zijn de 3 voor- of nadelen van bloggen?

Voordelen:

  • Uitlaatklep
  • Reacties
  • Bijleren, door wat ik soms lees op andere blogs, maar ook door vb. stomweg te prutsen in html

Nadelen:

  • Tijd, die gaat naar het schrijven van de blogs, inclusief het nemen en bewerken van foto’s
  • Tijd, die gaat naar het lezen van andere blogs
  • Blogger-frustraties: ik ben helemaal voor voldoende wit- en dus ademruimte op pagina’s, maar ik kies graag zelf waar en hoeveel en dat heeft blogger precies niet zo goed begrepen

8. Welke 3 mensen laten de meeste reacties achter?

9. Wat zijn jouw 3 favoriete blogs van anderen?
En dit is dan de vraag om ruzie in het blogkot te krijgen ofzo? 😉 Dit zijn bijlange niet mijn enige favorieten, maar het zijn er wel die consistent in mijn blogroll blijven staan omdat ze zo mooi schrijven:

10. Over welke 3 onderwerpen lees je het liefst bij andere blogs?
Het liefste he, dus dit is zeker niet het enige dat ik lees:

  • Persoonlijke verhalen
  • Lijstjes 🙂
  • Dingen die inspireren (dat kan dan gaan van hoe iemand probeert te minimaliseren, recepten die ik wil uitproberen, reviews van boeken die ik daardoor wil lezen…)

11. Welke 3 blogtips heb jij voor andere bloggers?

  • Doe gewoon je zin. Ja, het kan zijn dat dit of dat onderwerp beter werkt voor een groot publiek, maar als dat je ding niet is, schrijf er dan vooral niet over. Doe mee aan blogprojecten (zoals vb. #projectblogboek of #boostyourpositivity) als je daar zin in hebt, maar niet “om mee te doen met de rest”.
  • Verzorg je layout: kijk, het moet niet altijd tip top zijn, dat lukt mij ook niet, maar sommige websites zien eruit als halve kerstbomen. Geef ruimte aan rust in je layout, prop niet alles vol, zet niet elk mogelijk prulletje in een andere kleur en gebruik niet elk lettertype dat je tegenkomt.
  • Ga regelmatig eens naar buiten, dat computerscherm is niet alles wat er is en je hebt achteraf des te meer om over te schrijven 😉

12. Nomineer 3 bloggers.

(uiteraard enkel in te vullen indien deze tag voldoet aan de eerste blogtip 😉

Over dat verhuizen naar het buitenland

Een tijdje (ok neen, een hele tijd) geleden schreef LJ over haar buitenlandplannen en het gebrek aan concretisering ervan.
Ik zat de hele tijd instemmend te knikken of juist hevig nee te schudden; in mijn hoofd vormde zich een ellenlang antwoord en dus stopte ik met mijn reactie en zwierde dat hier in een conceptbericht (ook de reden waarom ze zo lang heeft moeten wachten op mijn reactie, want er staat zo’n hoopje concepten te wachten op afwerking dat dit er een beetje in verdween).
Die verhuis naar het buitenland is ondertussen voor ons iets “logisch”, maar voor de meeste mensen – en dat merken we soms nog aan reacties – is het dat niet per se. Daarom eens over die verhuis, deels in antwoord op LJ haar bericht, deels met andere aanvullingen.

Waarom weg uit België, waarom Zwitserland?

Ik kan eigenlijk moeilijk uitleggen waarom ik “per se” weg wilde uit België. Had ik het daar slecht? Neen! Had ik niets meer dat de moeite waard zou zijn om voor te blijven? Absoluut niet! Vond ik geen werk in mijn sector, waardoor het buitenland de enige optie was? Ook niet (integendeel zelfs).

Misschien is het door het reizen dat mijn ouders mij met de paplepel hebben ingegeven of door de verhalen van mijn grootouders die de halve wereld gezien hebben en zelf in hun twintiger jaren alles achterlieten om naar Congo te gaan? Allemaal mogelijk, alleszins: dat verlangen om te vertrekken is er altijd al geweest en werd ook groter met de jaren: was het tijdens het middelbaar in de eerste plaats verlangen naar “de grote stad”, dan werd het eens ik in Brussel studeerde “het buitenland”. Toen ik voor het eerst hoorde van Eramusuitwisselingen, wist ik meteen dat ik dat ooit zou doen 🙂
Na mijn terugkeer uit Duitsland (na zes maand), heb ik het moeilijk gehad: je staat daar met een ervaring die van jou alleen is en mensen zijn natuurlijk wel geïnteresseerd, maar echt weten hoe het was, doen ze ook niet (die andere Erasmussers natuurlijk wel, maar aangezien niemand anders naar Duitsland was geweest tegelijk ook niet).

Dat verlangen kan ik het best omschrijven als een soort onrust of – positiever klinkend – honger, een honger naar andere culturen, andere talen, andere mensen…
Is Zwitserland dan zo anders dan België? Ja en neen. Er zijn verschillen (dat gehakt ;-), maar meestal zijn die zodanig klein dat ze verwaarloosbaar zijn. Desondanks, ook die kleine verschillen zijn interessant en leerrijk om te leren kennen, om die nuances te maken en te begrijpen. Ook zo’n klein verschil kan al iets zijn waar je op botst (vb. die Zwitser die het niet nodig vond dat ik nog werk zoek, want Johan verdient toch genoeg voor ons twee. Jup, vrouwenemancipatie is een duidelijk verschil tegenover België).

Le petit requin
Onze “kleine” verhuis eind april: twee auto’s en een moto, gevuld met ons leven van de komende twee maand

Vluchten uit België?

LJ’s vriend noemt haar drang naar het buitenland “ontsnappen aan het echte leven”.
Ik ben ontsnapt naar Duitsland, heb de buitenlandervaring eerst in een “minivorm” gehad. Mini, omdat de ervaring als student nu eenmaal niet dezelfde is; je blijft in zekere zin binnen het beschermde wereldje van de universiteit, sociale contacten worden je op een presenteerblaadje aangeboden, je hebt quasi geen administratieve rompslomp… Een klein beetje dus zoals LJ’s ervaring met Intersoc.
Hoe dan ook, dat neemt niet weg dat het wel een buitenlandervaring was. Daarna was dat verlangen niet gestild, was het integendeel heviger geworden. Is dat vluchten, is dat ontsnappen aan het echte leven?

Ik vind van niet, het is gewoon een andere manier van leven. Een van mijn vroegere buurvrouwen is zo’n typisch “dorpsvrouwtje”: haar dochter heeft een vriend die afkomstig is uit een “ver” dorp (10km verder) en Brussel is die verre, grote, angstaanjagende stad. Ik zou doodongelukkig worden van een leven zoals het hare; zij van een leven zoals het mijne, want hoe zot ben ik wel niet om 700km van alles wat ik ken te gaan wonen, weg van mijn familie, mijn vrienden, mijn comfortzone…
Als ik vlucht van mijn leven door er van weg te gaan, doet zij dat in zekere zin evenveel door te vluchten in haar dorp en de straal van 5km errond en haar ogen te sluiten voor alles wat daarbuiten gebeurt, denk ik dan. Soms benijd ik haar, want wat moet het rustgevend zijn om gewoon content te zijn waar je bent en niet te verlangen naar andere plaatsen. Dan anderzijds: juist door die onrust in mij, leer ik nieuwe landen, gebruiken, mensen kennen en verruim ik zo mijn blik. Die verrijking is zoveel waard dat ik er dat gevoel van onrust graag bijneem.
Nu niet dat ik LJ vergelijk met een dorpsvrouwtje die geen 5km ver gaat :-), maar gewoon om even aan te geven dat er niets mis is met je ganse leven in België wonen, uiteraard niet, maar er is net zomin iets mis met dat niet doen. Elke manier van leven heeft zijn eigen waarde en de ene, blijvende, vorm is niet beter of slechter dan de andere, weggaande, vorm.

Vertrekken dan maar?

Na mijn Erasmus stond voor mij vast: als mijn studie gedaan is, ga ik terug naar het buitenland. Dat kon ook in combinatie met mijn stage, want de Orde van Architecten laat een buitenlandse stage toe. Zij het dan wel dat die maximaal zes maanden mag duren, dus besloot ik om te starten bij een Belgisch bureau, daar anderhalf jaar te blijven en dan te vertrekken. Ah ja, als ik zou beginnen met het buitenlandse deel, dan had ik na zes maand terug moeten komen en dit keer wilde ik voor langer weg. Maar ja, dan komt het leven in de weg zeker? Dat Belgisch bureau bleek de job van mijn leven te zijn (toen toch), ik leerde Johan kennen toen ik daar zes maanden werkte en plots was dat buitenland niet meer zo dringend.

Je bent dan ook wel plots met twee om te vertrekken, ’t is niet meer enkel voor eigen rekening dat je “efkes” alles achterlaat en vertrekt. Gelukkig droomde Johan ook wel al van het buitenland, nog voor hij mij kende, waardoor we elkaar daar vrij snel in versterkten. Heel belangrijk, want ik denk dat het vreselijk moeilijk moet zijn om zo’n beslissing te nemen als beide partijen daar anders over denken.
Dan blijft de vraag wanneer? En waar naartoe?

Het eerste vage plan was Canada na onze reis daar, maar dat hebben we vrij snel ook weer afgevoerd: dan ben je écht ver weg van je familie, want je vliegt nu eenmaal niet even elke maand de oceaan over; de jobs bleken er niet meteen dik gezaaid (Johan bezocht een jobbeurs) en achteraf bekeken sprak vooral de natuur ons heel hard aan, maar de steden iets minder, terwijl het wel daar is dat we zouden gaan wonen, gezien onze beroepssectoren.
Daarna verdween het idee opnieuw een paar maand naar de achtergrond, maar toen Johan rond Kerstmis 2013 zijn job in België beu was, was het moment daar om te gaan zoeken in het buitenland. Vrij intuïtief hadden we toen allebei het gevoel “we zien wel: vindt hij niks buiten België, dan kan hij nog altijd zoeken binnen België; vindt hij wel iets, dan zien we nog wel of we het doen of niet”. Drie weken later moest die knoop al doorgehakt worden, want we hadden het geluk dat hij meteen werd aangenomen voor een job in Zwitserland (al is geluk natuurlijk relatief, want zonder zijn ervaring en kennis had hij het uiteraard nooit gehaald).

Le petit requin
Knoop doorgehakt: het ondertekende contract gaat op de post naar Zwitserland

Werk

Johan had dus al een job hier, waardoor we verzekerd waren van een inkomen en een verblijfsvergunning en dat maakt de stap uiteraard meteen een pak gemakkelijker. Vertrekken zonder werk in een nieuw land kan natuurlijk wel, maar het maakt de hele beslissing wel veel moeilijker. Johan had/heeft in België ook een lening af te betalen voor zijn appartement, dus zomaar even vertrekken zonder inkomenszekerheid, zouden we zeer waarschijnlijk niet gedaan hebben. We dromen ervan om ooit een half jaar of een jaar loopbaanonderbreking te nemen en rond te trekken (ik zei het al, die onrust verdwijnt niet ;-), maar zolang die lening niet afbetaald is, zit dat er niet in. Is dat jammer; blokkeert dat ons? Ergens wel, maar dat zijn nu eenmaal de beslissingen die een mens neemt. Eens dat appartement afbetaald is, zullen de huurinkomsten zeer welkom zijn tijdens die loopbaanonderbreking, dus wat een nadeel kan lijken, is evengoed ook een voordeel 🙂

Specifiek voor Zwitserland zit je ook met die verblijfsvergunning: zonder werk is die maar zes maanden geldig; vind je binnen die periode niets, dan moet je weer terug, of je zelf wilt blijven of niet.

Le petit requin
De hier door buitenlanders zo begeerde verblijfsvergunning 🙂

Een risico is het hoe dan ook altijd: ik ben vertrokken met 2,5 jaar werkervaring, een diploma waarmee “je altijd werk zal vinden” (ingenieur-architect) en toch is het op dit moment moeilijk voor mij om iets te vinden. Stel dat dat een reden zou worden om terug te keren, dan is dat maar zo. Jammer uiteraard, maar we hebben het dan tenminste geprobeerd.
Bij LJ zie ik een vriend die in dezelfde sector werkt als Johan (ofte: goede kans op werk hier), maar ook zij heeft met haar diploma toerisme zeker mogelijkheden. In die zin ben ik er dus niet helemaal mee akkoord dat zij redeneren dat hij een job moet hebben en dat zij dan wel ter plaatse iets zal vinden; omgekeerd lijkt mij zelfs bijna makkelijker (want een job in de bank- en verzekeringswereld zal je hier vermoedelijk sneller te pakken krijgen).

Ook het argument van het jobhopper-CV vind ik niet overtuigend genoeg. Of klinkt dat nu heel streng? 🙂 In mijn ogen gaat geen enkele werkgever je afstraffen omdat je maar een jaar ergens gewerkt hebt om daarna naar het buitenland te verhuizen. Zo’n beslissing moet nu eenmaal ooit genomen worden en ofwel zal de ene juist een nieuwe job hebben, ofwel de andere bijna kans maken op een promotie. Dat was bij ons ook het geval, was ik nog een paar maand langer gebleven, dan had ik nu kunnen solliciteren met de titel “project coördinator” i.p.v. “medewerker” en had ik misschien wél al een job gehad. Maar evengoed waren we nog die paar maand gebleven, had Johan ondertussen een andere job in België gevonden en waren we helemaal niet meer vertrokken…

Twijfel

In zekere zin zal er altijd twijfel zijn over “hadden we beter dit of hadden we beter dat”.

Er zijn altijd duizend-en-één redenen om te blijven en pas op, het is niet dat ik niet getwijfeld heb over ons vertrek. Ik heb mijn ogen uit mijn kop gebleit toen mijn ouders mij afzetten om “definitief” de trein naar Zürich te nemen (ook al wist ik toen al dat ik ze een maand later terug zag, ’t was toch echt wel weggaan nu). Dat was in Cottbus niet anders, maar het zou ook wel heel jammer zijn, moest ik niet op zijn minst een beetje verdriet hebben om wie en wat ik allemaal achterlaat 🙂
Tegenwoordig is dat trouwens ook relatief: wij skypen heel regelmatig met vrienden en familie; Zwitserland is ook zodanig dichtbij dat we vaak eens voor een weekend gaan (in die mate zelfs dat mijn nonkel de laatste keer reageerde “hoe, komen die nu wééral af” 😉
Als ik dan denk aan mijn grootouders, die in de jaren ’50 alles achterlieten om in de Congolese brousse te gaan wonen… Op af en toe eens een brief na, hadden zij quasi helemaal geen contact meer met het thuisfront en dat zeven jaar lang! Wat een moederskindje ben ik dan wel niet, dat ik elke week met mijn ouders skype 😉
Als we ooit terugkeren, zal ook dat moeilijk zijn, want wij komen terug met een ervaring die onze familie en vrienden niet hebben, terwijl hun leven in België ook gewoon doorgegaan is en wij daar – in het slechtste geval – misschien zelfs niet eens meer in thuis horen.

Le petit requin

Hoe langer je er over nadenkt, hoe moeilijker het wordt, denk ik. Bij ons zaten er drie weken tussen “laten we eens proberen of we iets vinden in het buitenland” en “we gaan naar het buitenland”. Kort, maar wel berekend. We hadden nog dat appartement in Brussel (de eerste twee maanden hebben we dat niet verhuurd, zodat we makkelijk terug konden indien nodig), we hadden allebei spaargeld zodat we een eventuele snelle terugkeer en de gevolgen (allebei werkloos zijn) konden opvangen. Meer dan dat hadden we eigenlijk niet nodig (dat appartement was zelfs niet eens noodzakelijk, want in geval van nood zouden we altijd bij vrienden of familie terecht kunnen voor een overbruggingsperiode). Alle andere praktische zaken (wat doen we met de auto, de meubels, de diepvries, de tuin…) die wijzen zichzelf wel uit. Als zoiets een reden is om niet te vertrekken, dan is er volgens mij een diepere twijfel, want uiteindelijk zijn die dingen triviaal.
Belangrijkste vraag is vooral: hoe graag wil je het? Wij zijn er voor gegaan en zelfs als we zouden moeten terugkeren omdat ik geen werk gevonden heb, dan was het het waard. Ook al zal ik dan misschien twijfelen of het wel goed was om te vertrekken; hadden we het niet gedaan, dan zou ik mij eeuwig zijn blijven afvragen hoe het zou geweest zijn, hadden we het wel gedaan. Op zijn minst dát weet ik nu en dat is voldoende om ook de rest een plaats te kunnen geven.

#projectblogboek
Het was niet de bedoeling, maar toen ik eens bladerde om te zien wat ik als volgend onderwerp zou nemen, bleek reageren op iemands blog gewoon een puntje te zijn. Dit is dus de achtste post voor #projectblogboek, volgens haar idee, gebaseerd op haar boek.

Verbeelding Read-a-thon februari conclusie

Ik deed afgelopen week nog eens mee aan een read-a-thon, tijd voor een update 🙂

Readathon (Verbeelding)

Wat las ik?

  • Misdaad en straf: uitgelezen!
  • Brieven aan Doornroosje: ik las uiteindelijk twee i.p.v. de voorziene drie brieven, maar bon, die ene gaat het nu niet maken 🙂
  • Nog te bepalen: doordat ik Misdaad en straf niet uitlas voor we naar België vertrokken, liet ik Bird Box in Zwitserland en ontleende hier in de bib Stad der Zienden van Saramago en Broere van Bart Moeyaert. In die laatste las ik 53 pagina’s.

Een geslaagde leesweek dus, al had ik het nooit gehaald zonder serieuze inhaalbeweging op zondag (lange leve de driehoek Brussel-Gent-Antwerpen met de trein). Drukke dagen in Zwitserland en veel bezoeken hier in België maakten dat ik eigenlijk helemaal niet zoveel las: in totaal haalde ik ongeveer 300 pagina’s, dus nog geen derde van mijn resultaat de vorige keer. Nu ja, gelukkig wist ik in het begin van de week al dat het druk ging worden en legde ik mijn doelstellingen dus ook bewust laag. Gezien de omstandigheden las ik best wel veel en dat is het voornaamste!

Op naar de volgende 😉