Thema “sport”: conclusie

Ik vertelde jullie een tijdje geleden over mijn voornemens van 2018. Dit jaar focus ik elke maand op één thema; tijd om vandaag en morgen eens te kijken hoe het verliep met de thema’s van januari en februari.

Dat er “iets sportief” tussen mijn voornemens zou staan, dat was te verwachten, alleen werd de effectieve inhoud van dit puntje een voorbeeld van hoe snel mijn hoofd ideeën omzet in uitdagingen (en dan niet enkel op sportief gebied, getuige het idee om alle talen van Zwitserland te leren). Toen mijn broer in december, naar aanleiding van onze jaaroverzichten in de sportapplicatie Strava, liet vallen dat er mensen zijn die een heel jaar lang alle dagen iets op Strava gezet hadden, deed mijn hoofd niet enkel “waw, amai zot”, maar ook “waah, dat zou keitof zijn om zelf te doen” (spreek die waah uit op de wijze van Samsons Waah Gertje om mijn enthousiasme in te schatten 😉 ). Ondanks dat mijn broer mij onmiddellijk zot verklaarde toen ik dat gevoel ook uitsprak, bleef het in mijn hoofd rondspoken.

Om het toch iets realistischer te maken, besloot ik om te starten met één maand, maar dan wel meteen de eerste maand van het jaar. Ah ja, als het dan zou meevallen, zou ik nog altijd kunnen voortdoen 😉 . Tegelijk maakte ik mijn doelen niet te ambitieus, door ook beweging mee te tellen: niet de 3 minuten stappen naar de bushalte natuurlijk, wel bijvoorbeeld de wandeling van 3km van mijn werk naar huis. Ook spieroefeningen besloot ik mee te rekenen van zodra ik die langer dan 5 minuten per dag deed. Kwestie van te vermijden dat ik al na een week zou opgeven, omdat ik doodop zou zijn van alle dagen intensief te sporten. Als dát een maand zou lukken, kon ik nog altijd kijken of ik verder zou willen doen…

Dat idee zag mijn broer wel zitten en dus startten we op Nieuwjaar met een gezamenlijke looptocht. Amper drie dagen later was ik heel blij dat ik mijn ambities niet te hoog gelegd had, toen een korte opstoot van buikgriep ervoor zorgde dat een kwartiertje rustige yoga al aanvoelde als een halve marathon.

Le petit requin
Sport – donkerblauw: 5-10′, lichtblauw: 10-30′, lichtgroen: 30′ – 2u, donkergroen: meer dan 2u

Ik maakte in mijn sportoverzicht wel een onderscheid tussen de sportieve en de rustige versie van bepaalde sporten (ofte dus sport tegenover beweging): doe ik een sneeuwwandeling, dan is dat sportief wandelen; wandel ik van mijn werk naar huis, dan is dat rustig wandelen. Idem met het fietsen waarvan de sportieve versie weliswaar niet voorkwam in januari en februari (te koud, veel te koud) en de rustige mijn fietstochten naar het werk inhouden. Die laatste tel ik overigens niet mee als “dag gesport”; ik track op strava elke zondag enkel wat ik die week aan dagdagelijkse fietskilometers afgelegd heb.

Le petit requin

Al dat sporten heeft trouwens ook een positieve invloed op mijn aantal stappen: niet dat ik nu plots elke dag aan mijn doel van 10000 geraak (verre van zelfs), maar op dagen waarop ik op het werk al een hele dag neergezeten heb en te moe ben om nog iets anders van sport te doen, laat ik mijn fiets al makkelijker eens staan om te voet naar huis te gaan.

Le petit requin
Stappen – donkerblauw: minder dan  5000, lichtblauw: 5000-10000, lichtgroen: 10000-20000, donkergroen: meer dan 20000

Al is het meest positieve effect wat mij betreft dat ik eindelijk een manier lijk gevonden te hebben om regelmatig spieroefeningen te doen; iets wat ik al langer wil – en op aanraden van mijn kinesist eigenlijk ook moet – integreren. Twee maanden is natuurlijk te vroeg om al te spreken van een blijvend succes, maar ik heb – met respectievelijk 13 en 12 dagen in januari en februari – alleszins nog nooit twee maand lang ongeveer de helft van de dagen spieroefeningen gedaan. Mijn focus lag eerst vooral op de buikspieren, nu wissel ik af tussen buik, rug en arm. Er zit nog niet echt een structuur in, voorlopig dienen die spieroefeningen eerder als “noodplan” voor wanneer ik geen tijd of zin heb om meer te doen (iets wat er in februari tijdens een hele drukke week op het werk voor zorgde dat ik 5 dagen na elkaar enkel spieroefeningen deed…). Ideaal? Nope, maar laat ik nu eerst maar focussen op het gewoon doen en als dat blijft lukken, kan ik er later altijd nog een gebalanceerde structuur inbrengen.

Le petit requin
Blauw = een dag gesport / bewogen

Ik moet zeggen, dit thema ging eigenlijk vlotter dan ik verwacht had. Dat ik niet wilde onderdoen voor mijn broer, heeft – eerlijk is eerlijk – heel erg geholpen (competitiebeestje: check!). Maar vooral: ik heb het haalbaar gehouden voor mijzelf door weliswaar elke dag iets te doen, maar mijzelf niet op te leggen elke dag een marathon te moeten lopen (bij wijze van spreken natuurlijk). Het is op zich evident, maar ik heb mij vroeger meer dan eens mispakt aan meteen té hoog mikken. Ik blijf, net zoals de voorbije jaren, proberen om minstens drie keer per week meer dan 30′ bezig te zijn, maar het is nu tenminste niet meer ofwel 30′ ofwel als een patattenzak in de zetel hangen 😉 . En wat misschien nog belangrijker is: op dagen waarop ik doodop ben van het werk en mijzelf – ondanks dat ik weet dat het mijn hoofd deugd doet – niet kan overtuigen om te gaan lopen of dergelijke, heb ik gemerkt dat ook 7 minuten afzien op mijn matje (serieus, waar waren mijn buikspieren naartoe seg?!) deugd kan doen. Thema absoluut geslaagd dus!

Loop naar de maan! Uitdaging: 7x5km

In mei vertelde ik jullie dat Emilie en ik dit jaar naar de maan liepen! Hoewel het oorspronkelijk de bedoeling was om de hele zomer lang updates te geven over de verschillende uitdagingen die we moesten volbrengen, is daar weinig van in huis gekomen. Ik vermoed dat iedereen wel begrijpt waarom, maar dat neemt niet weg dat jullie natuurlijk nog wat verhalen te goed hebben. Want dat er niet geschreven werd betekende gelukkig niet dat ook het lopen stilviel!

De eerste uitdaging vond plaats toen de zomer nog net niet begonnen was, maar het wel al zo aanvoelde, meer zelfs: het was een van de heetste weken van het jaar (nl. 12-18 juni). Niet meteen het ideale moment om sportuitdagingen aan te gaan, maar aangezien ik die week alleen thuis was (ha, achteraf bekeken had ik natuurlijk beter toch gewacht op aangenamer loopweer, want drie weken later startte een periode van altijd alleen thuis zijn…*), leek het mij wel zo praktisch om dan 7 achtereenvolgende loopdagen in te plannen.

Aangezien ik op maandag moest werken, kon ik pas ’s avonds om 21u gaan lopen (want ge ziet van hier dat ik nóg vroeger dan 6u30 ga opstaan). Ik maakte het mijzelf makkelijk door eerst wat in de moestuin – bovenop de helling – te werken en nadien via een omweg naar huis te lopen, waardoor ik enkel plat en bergaf moest lopen. Goed voor 5km in 36’37”; geen snelle tijd, maar aangezien ik nog maar net opnieuw startte met lopen na wat gesukkel met blessures, was ik al lang blij dat ik pijnloos 5km kon lopen (en ook, waar is de tijd dat 5km mijn loopdoel was, terwijl het nu mijn “ik begin opnieuw te lopen”-afstand is, jeeej 🙂 ).

Dinsdag wandelde ik de Uetliberg omhoog langs de Denzlerweg, ook gekend als de steilste route 🙂 . Na een drankje met de wandelgroep op de top, zette ik mij terug in beweging om van de top naar het station beneden te lopen. Aangezien ik zo voorzienend – ahum – geweest was om géén lampjes bij te hebben, liep ik aan een traag tempo door het toch vrij donkere bos (en dan zat ik nog op de ene bosweg met af en toe een lantaarn).
Check voor 5km in 45’33”.

Uetliberg (Le petit requin)

Op woensdagen ben ik thuis en aangezien ik toch naar de winkel moest, besloot ik die beiden te combineren. Al was het niet mijn meest briljante ingeving om dat knal op het middaguur te doen… Het werd dus 40’37” afzien in de hitte, enkel kort onderbroken om bij dit fonteintje mijn dorst te lessen.

Le petit requin

De dag erna had ik dan ook mijn lesje geleerd en wachtte ik tot het voldoende afgekoeld was, wat er uiteindelijk voor zorgde dat ik pas na 23u uit de startblokken schoot en 40’13” later nog net voor middernacht terug toekwam. Lag het aan het onchristelijke uur, geen idee, maar de combinatie van onderstaande garage en straatlamp leek plots heel erg op een kruis 🙂

Loop naar de maan (Le petit requin)

Ook vrijdag werk ik niet, maar dit keer wachtte ik tot de late namiddag om van start te gaan. Ik stopte weliswaar een paar keer tijdens mijn 37’08” durende looptocht, want een reiger en kwakende kikkers (met schattig opgeblazen wangen), die verdienen meer dan een snelle blik 🙂

Loop naar de maan (Le petit requin)

Loop naar de maan (Le petit requin)

Zaterdag was ik niet meer alleen thuis, wat ervoor zorgde dat ik pas ’s avonds laat aan lopen toekwam. Doordat ik deels koos voor geasfalteerde (en vooral: verlichte) straten liep ik wel sneller dan bij de andere looptochten-in-het-donker deze week: 5km in 37’37”.

De laatste dag begon ik het toch wat te voelen, waardoor ik 43’21” deed over mijn toertje. Al kan dat ook gelegen hebben aan de stevige bergop die er in zat, want ik besloot te starten in de richting van de hoger gelegen vijvers alvorens in het bos terug naar beneden te duiken.

Deze uitdaging bleek uiteindelijk geen al te zware te zijn, maar bon ja, voor 100 euro moest ik nog niet meteen overdrijven natuurlijk 🙂 . Het zorgde er uiteindelijk vooral voor dat ik meteen weer vertrokken was met lopen. Op naar de volgende uitdaging… (en voordeel van deze berichten met vertraging te schrijven, is dat jullie daar snel over zullen lezen 😉 ).

* gewoon zodat jullie het weten, want het kan nog voorkomen: zwarte humor / cynisme is een van de manieren waarop ik omga met dingen en dus ook met de breuk tussen J. en mij. Kwestie van het de mensen rondom mij “makkelijk” te maken, is dat weliswaar niet altijd het geval, waardoor ik – wanneer anderen dat doen – de ene keer al lachend en de andere al wenend reageer. Maar als ik het zelf doe, dan moogt ge zeker zijn dat ge moogt meelachen 😉 

Loop naar de Maan!

Hallo allemaal,

zoals jullie al lazen (in mijn mail of mijn vorige blogpost), wagen Emilie en ik ons aan een buitenaards avontuur: we lopen in de komende maanden immers naar de maan voor Kom op tegen Kanker! Aangezien we beiden heel graag en – de ene al meer dan de andere – regelmatig lopen, zetten we deze sport met veel plezier in het teken van een goed doel. Er worden immers nog steeds veel te veel mensen geconfronteerd met kanker, iets wat ook wij in onze – nabije en verre – omgeving al te vaak gezien hebben, en hoewel het risico om aan de ziekte te sterven jaar na jaar daalt, kunnen zowel de diagnose als de behandelingen nog steeds verbeterd worden. De opbrengst van deze editie van Loop naar de Maan gaat naar klinisch onderzoek dat een directe meerwaarde biedt voor de behandeling van de kankerpatiënt én waarvoor er onvoldoende interesse is bij de farmaceutische industrie (o.a. omdat het geen effect heeft op de verkoop of enkel van toepassing is op zeldzame kankers, waardoor het aantal patiënten te laag is om commercieel interessant te zijn).

Loop naar de maan (Kom op tegen Kanker)
Bron: loopnaardemaan.be

En wat doen wij dan net? Wij proberen minstens 250 euro per persoon (maar natuurlijk liefst meer 😊 ) in te zamelen en gaan in ruil daarvoor per specifieke som geld die we samen ingezameld hebben, een aantal (voornamelijk loop-)uitdagingen aan:

100 euro: Haaike loopt een week lang elke dag 5km

Dit lijkt misschien niet zo spectaculair, maar aangezien het lopen de afgelopen maanden door blessures op een laag pitje stond, vormt dit zeker wel een uitdaging (laat staan het feit dat ik op werkdagen na 11u van huis nog mijn moed bij elkaar ga moeten rapen).

150 euro: Emilie loopt verkleed een wedstrijd

Hoewel we allebei keihard aan het genieten zijn van het zonnetje momenteel, hopen we stiekem dat het niet té warm is op de dag dat Emilie dit gaat moeten doen… 🙂

250 euro: Emilie loopt een trail van 21,1km, Haaike van 15km

We liepen allebei al een halve marathon, maar dat was op asfalt. Daarom gaan we nu voor een stapje meer, zijnde op onverharde weg. Omdat ik het nadeel heb dat dat hier in Zwitserland bijna onvermijdelijk veel hoogtemeters inhoudt (en vooral: omdat ik veel minder getraind ben dan Emilie momenteel), ga ik voor een iets kortere afstand.

400 euro: Haaike loopt 10km in één uur

Ahum ja, ik liep dan misschien al wel langere afstanden, maar een snelle loper, dat ben ik nog steeds niet. Met 10 km/h moeten vele lopers waarschijnlijk nog steeds lachen, maar voor mij zou dat een gigantische stap vooruit betekenen.

450 euro: Emilie doet een loopdropping

Ofte: ze wordt op een haar onbekende plek gedropt en zoekt al lopend – zonder hulpmiddelen zoals gps, gsm… – de weg terug naar huis. No worries, ze krijgt wel een gsm (zonder internet) mee voor het geval ze echt verdwaalt, maar dan moet ze de uitdaging natuurlijk wel nog eens doen 😉

500 euro: Haaike doet een short triatlon in minder dan 1,5 uur

Bij Loop naar de Maan draait het natuurlijk in de eerste plaats om lopen, maar aangezien mijn hart ook bij andere sporten ligt, was het een logische keuze om ook daarin een aantal uitdagingen te zoeken. De combinatie met twee grote favorieten, zijnde fietsen en zwemmen, lag het meeste voor de hand en dus ga ik proberen mijn tijd van vorig jaar in Zürich te verbeteren.

600 euro: Haaike knipt haar haar kort

Bij deze de enige uitdaging waar totaal geen sport bij komt kijken, maar die desondanks misschien wel het meeste moed van allemaal zal vragen. Ik twijfel immers al jaren om mijn haren eens écht kort te knippen, maar eens ik in die kapperstoel zit, durf ik het toch niet en eindig daardoor uiteindelijk elke keer met quasi hetzelfde model. En dus laat ik het nu aan jullie over: als jullie genoeg geld geven, dan moet ik wel 😉

750 euro: Emilie rijdt 5 hellingen uit de Ronde van Vlaanderen

Waar Emilie in het lopen duidelijk de betere van ons beiden is, is fietsen iets minder haar ding. Maar we doen niet voor niets dingen die buiten onze comfortzone liggen en dus gaat ze vijf hellingen uit de Ronde van Vlaanderen oprijden. En nope, het zullen niet de makkelijkste zijn… 🙂

800 euro: Haaike rijdt 3 cols op één dag

Er was eens… een jaar waarin ik dit al deed op de Ventoux. Maar dat is lang geleden (12 jaar al!) en dus opnieuw een hele uitdaging. Vorig jaar raakte ik met veel puffen en blazen – en veel stoppen – twee Alpencols over; als jullie in totaal 800 euro storten dan voeg ik er daar nog eentje aan toe!

1000 euro: Emilie en Haaike lopen in 2018 een marathon

Ahum ja, ergens willen we doodgraag dat we 1000 euro zouden kunnen inzamelen, tegelijk snappen jullie misschien wel dat we daar ook een beetje schrik voor hebben. Want jawel, als we aan dat zotte bedrag komen – toch het dubbele van wat we zouden “moeten” inzamelen – dan gaan we een marathon lopen. Weliswaar niet meer voor het einde van de actie op 8 oktober, aangezien een marathon niet iets is dat een mens “zomaar eventjes” kan doen, maar wel volgend jaar. Zij die gaan sterven, groeten u 😉

Samengevat komt het er dus op neer dat hoe zotter de bedragen zijn die jullie storten, hoe zotter de uitdagingen worden die wij aangaan 😊 Wie op jaarbasis minstens 40 euro aan Kom op tegen Kanker stort, heeft recht op een fiscaal attest en kan zo via de belastingen 45% van zijn of haar donatie recupereren. Helpen jullie kanker mee naar de maan?

Een kleine stap voor ons, een gigantische stap in de strijd tegen kanker!

Heel erg bedankt!

Emilie en Haaike

Rije, rije, rije

Jah, goed bezig met die 40 dagen bloggen: typ ik gisteren onderstaand blogje, vergeet ik het toch wel niet te publiceren i.p.v. enkel als draft op te slaan zeker? Bon ja, vandaag komt er normaalgezien nog een bericht aan, dus als jullie willen doen alsof jullie dit gisteren al lazen, dan weet niemand nog dat ik even verstrooid was 😉

Misschien weten jullie nog dat ik vorig jaar stevig tegen de grond smakte in de afdaling van de Klausenpass? Op het eerste zicht leek de schade aan mijn koersfiets wel mee te vallen: mijn stuur moest rechtgetrokken worden en het was even prutsen om mijn versnellingen weer goed te krijgen, maar daarna leek ik weer vertrokken te zijn. Jammer genoeg zorgde die val toch voor wat meer schade: tijdens een rit een paar weken later merkte ik immers dat mijn fiets niet meer stabiel aanvoelde en dat bleek aan het balhoofd te liggen. De raming van de fietsenmaker om dat balhoofd en andere – kleinere, maar daarom niet minder belangrijke – mankementen op te lossen, bedroeg echter meer dan de helft van wat die fiets – ondertussen toch al 16,5 jaar geleden – gekost heeft.

Le petit requin

Voeg aan die prijs en ouderdom nog het eigenlijk iets te grote kader toe en de beslissing om voor een nieuwe te gaan, was vrij logisch. Gelukkig liep het wegseizoen toen net ten einde en kon ik in de winter rustig op zoek gaan naar een nieuw model. Wie mij op instagram volgt, zag daar eind januari een eerste selectie verschijnen, gebaseerd op online onderzoek. Volgende stap was het bekijken van die modellen “in ’t echt”, waardoor er niet alleen twee geschrapt werden (zo vond ik de onderbuis van de BMC toch iets te breed), maar ik twee weken geleden in een fietsenwinkel in België ook halsoverkop verliefd werd op een model dat ik in mijn online zoektocht niet eens een blik gegund had.

Le petit requin

Ah ja, het leek mij immers slimmer om dit keer niet voor een mannen-, maar wel voor een vrouwenkader te gaan, zodat de geometrie beter op mij afgestemd zou zijn. Tot ik dus een mannenmodel zag staan dat niet alleen technisch alles had wat ik wilde (carbon kader, Ultegra versnellingen…), maar er ook nog eens suuupermooi uitzag in mat zwart met accenten in turquoise. Het onmiddellijk bestellen wilde ik niet, ik wilde er toch eerst even een nachtje over slapen. Alleen moesten we na dat nachtje terug naar huis en bleek hij in Zwitserland een pak duurder te zijn (uiteraard, alles is daar duurder, maar dit was zo een van die gevallen “in verhouding écht veel duurder”).

En toen moesten we onverwacht terug naar België komen… Met mijn grootmoeder gaat het gelukkig al veel beter, al heeft ze voorlopig wel nog constant iemand nodig die bij haar blijft en voor eten e.d. zorgt – wat ik momenteel dus doe, zodat mijn, bij haar inwonende, nonkel wat ontlast wordt en kan gaan werken.
Het “voordeel” van onze terugkeer (veel te positief woord, want uiteraard waren we liever niet moeten afkomen, maar jullie snappen het wel) was dan weer dat we het afgelopen weekend nog eens naar die fietsenwinkel konden. Die liefde op het eerste zicht was ook bij de tweede kennismaking nog even groot en dus besliste ik trouw te blijven aan het merk van mijn oud ros en een bestelling te plaatsen. Dat het een mannenkader is, maakt uiteindelijk ook weer niet zoveel uit: een goede opmeting zorgt ervoor dat ik de juiste kadermaat krijg, met een aan mijn geometrie aangepaste stuurbreedte en stuurpen.

Le petit requin

Mooi toch he? 🙂
Jullie krijgen nog wel eens een volledig zicht eens de fiets toegekomen is (dit zijn details van het toonzaalmodel). En mijn oude? Daar twijfel ik nog tussen een tweede leven als een soort hometrainer – iets waarvoor een kapot balhoofd geen probleem is – of een volledige herbestemming. To be continued 😉

Halve Klausenpassplog

In aanloop naar het Alpenbrevet, waarvoor Johan en ik respectievelijk drie en twee cols over moeten geraken, besloten we om een stevige training te voorzien. ’s Ochtends trokken we richting Näfels, waar we verwelkomd werden door een kleine vliegtuigformatie…

Klausenpassplog

Vanuit dat dorpje startten we samen voor een opwarming van 25km tot aan de Klausenpass. Aan de voet splitsten we: Johan klimt niet alleen veel sneller dan mij, maar had ook een grote lus van 140km voorzien waarbij hij na de Klausenpass nog de Pragelpass zou beklimmen.

Klausenpassplog

Mijn plannen waren iets minder ambitieus: ik zou tot de top van de Klausenpass rijden, maar daar omdraaien en langs dezelfde weg terugkeren. Jullie horen het al aan de voorwaardelijke wijs: mijn dag verliep niet echt zoals gepland…

Klausenpassplog

Na amper een paar kilometer begon ik het al heel lastig te krijgen: mijn benen voelden aan alsof er geen greintje kracht meer in zat. Aangezien er maar geen einde leek te komen aan de percentages van 7 à 8% (zwaar!), zocht ik een plekje in de schaduw op om even te bekomen en wat energie bij te tanken.

Klausenpassplog

Dat hielp gelukkig wel wat, dus na een kwartiertje reed ik verder. Vanaf de tiende kilometer zaten er vijf plattere kilometers in, die niet alleen wat rust, maar ook een fantastisch zicht boden.

Klausenpassplog

Deze hoogvallei, Urnerboden, is met 8km lengte de grootste alpenweide van Zwitserland. En ja, in een alpenweide horen uiteraard ook koeien-met-bellen thuis.

Klausenpassplog

Jammer genoeg bleken noch de mooie omgeving, noch de plattere kilometers echt soelaas te bieden, waardoor ik bij het begin van het tweede sterk stijgende deel van de klim besliste rechtsomkeer te maken. Weliswaar pas na eerst nog een kwartier in de graskant te zitten twijfelen, want opgeven op een klim, dat heb ik nog nooit moeten doen en was dus toch een beetje pijnlijk. Maar bon ja, als je lichaam aangeeft dat het niet gaat, dan gaat het niet…

Klausenpassplog

Klein voordeel van terugkeren was dan weer dat ik even tijd kon nemen om te stoppen bij een dorpsfeest. Het is op de foto niet echt te zien, maar een aantal mannen waren aan het schwingen en dat blijkt – zo leerde het internet mij achteraf – een soort worstelen te zijn, waarbij de deelnemers jutten broeken dragen en met één hand de broek van de tegenstander moeten vasthouden, terwijl ze hem moeten vloeren. Rare Zwitsers…

Klausenpassplog

Daarna was het tijd om de afdaling in te zetten. In deze bocht liep het echter mis: was het vermoeidheid, was het verstrooidheid… geen idee, maar in elk geval vergat ik mijn pedalen juist te houden (ofte: pedaal aan de binnenkant van de bocht – in dit geval de linker – naar boven) en raakte ik met mijn linkerpedaal de grond. Ik verloor uiteraard de controle over mijn fiets, waardoor ik tegen de grond smakte.

Klausenpassplog

Uiteindelijk bleek het allemaal nog wel mee te vallen en hield ik er niet meer dan schaafwonden aan over, maar het was desondanks serieus schrikken. Achteraf besefte ik ook dat ik voor het eerst bij een val niet als eerste mijn fiets, maar wel mijzelf checkte… duidelijk een teken dat het een zwaardere val was dan ik gewoon ben 🙂
Ondanks dat het “maar” schaafwonden waren, zag ik het niet zitten om nog verder te rijden (achteraf bekeken had dat ook niet gekund, want mijn versnellingen zaten volledig geblokkeerd en mijn stuur was helemaal scheefgetrokken). Een telefoontje naar Johan leerde mij dat hij net op het verste punt van zijn tocht zat, dus op hem wachten was niet echt de meest ideale optie. Lang leve behulpzame Zwitsers echter, want na de twee motards die onmiddellijk na mijn val stopten en checkten of ik geen erge verwondingen, hersenschudding (duusd hartjes voor mijn helm in deze!) of dergelijke had opgelopen, stopte al meteen de eerste auto toen ik begon te liften. Die mensen brachten mij niet alleen terug naar onze auto 30km verderop, maar legden ook mijn fiets erin. Zooo content met hun hulp! In het toilet van een winkeltje vlakbij kon ik voor het eerst deftig mijn schaafwonden en kapotte kleding bekijken, wat toch wel een zeer uitzonderlijke selfie waard was 😉

Klausenpassplog

Alle wonden oppervlakkig schoonmaken, iets eten en drinken en wat uitrusten later, reed ik naar de Klöntalersee, waar ik met Johan had afgesproken om hem nog wat extra kilometers te besparen (en no worries, had ik mij te slecht gevoeld, hij zou uiteraard tot aan ons startpunt gereden zijn). Dat bleek een heel mooi plekje te zijn: ideaal om rustig wat te lezen in mijn boek.

Klausenpassplog

Johan kwam al even kapot – maar dan gelukkig enkel in de figuurlijke zin – toe van zijn rit: de Pragelpass die hij op het einde nog voor de wielen geschoven kreeg, bleek lichtelijk dodelijk qua percentages (met dank aan mijn broer, die hem de rit aanraadde na zelf half gestorven te zijn op die klim 😉 ). Die twee hebben mekaar echt wel gevonden in om ter zotst sporten…
We vonden dan ook dat we allebei wel genoeg afgezien hadden om een ijsje te verdienen. Al is het in dit geval wat lastig om dat woord verplicht in zijn verkleinvorm te moeten gebruiken, want met drie bollen én slagroom én chocoladesaus, was het nu niet bepaald een ijs”je”. Maar lekker, mmm 😉

Klausenpassplog

Laten we het er maar op houden dat het een dubbel dagje qua gevoelens en ervaringen was!

Om te vergeten:

  • Het geluid en gevoel van mijn gezicht dat over de grond schuurde. Ook al heb ik geen te erge schrik opgedaan (ik ben de week erna al terug op mijn fiets gekropen voor een korte klim én afdaling) en was de schaafwonde op mijn gezicht de minst erge, dat geluid, brrrrr, ik hoor het nu nog…

Om te onthouden:

  • De Zwitsers! Want ook al doen ze aan rare sporten, ze zijn vooral heel erg behulpzaam.
  • Ik ben er heel goed vanaf gekomen: iets meer naar rechts neerkomen en ik had 20m lager kunnen liggen, iets anders vallen en ik had misschien iets gebroken…
  • Lang leve mijn helm! Ik heb hem ondertussen vervangen, want aangezien ik duidelijk op mijn hoofd terechtgekomen ben, is de kans te groot dat hij niet meer voldoende stevigheid biedt. Maar hey, liever een nieuwe helm moeten kopen dan mogelijks een kapot hoofd.
  • Binnenpedaal al-tijd naar boven houden in een scherpe bocht! Want ja, ik wilde wel eens weten hoe plat ik ga in een bocht, maar om nu op deze manier te beseffen dat ik blijkbaar zo plat ga liggen dat mijn pedaal tegen de grond komt, nope, dat was nu ook weer niet nodig.
  • Johans uitspraak dat “dit echt wel de mooiste dag van het jaar geweest is he tot nu toe”. Hij had het weliswaar over het weer, maar euhm ja, ik kon toch niet echt helemaal akkoord gaan 😉