5 dingen die geweldig zijn aan Zwitserland

Vorige week liet ik jullie al weten wat er zo geweldig is aan België, maar gelukkig is Zwitserland ook nogal geweldig. Opnieuw vijf dingen:

1. De natuur

Die bergen! Geef mij die bergen en ik ben content. Er middenin zitten krijgt natuurlijk de voorkeur, maar gewoon hier eventjes “onze” berg opwandelen en ik heb er al een fantastisch zicht op. Ik weet nu al dat als we hier ooit weer vertrekken, dat ik die bergen zo hard ga missen. De mogelijkheden zijn ook eindeloos: skiën, wandelen, fietsen… you name it en wij hebben de optie om dat in de meest fantastische landschappen te doen. Zijn het geen bergen, dan wel mooie meren (of meren met zicht op de bergen 😉

Wat ik misschien nog meer zou missen: de natuur vlakbij. Als ik een toertje ga lopen, dan zit ik binnen de twee minuten in een bos langs de rivier. Zalig gewoon! Daar kan het betonnen fietspad langs het kanaal in Brussel echt niet aan tippen 🙂

Aletschgletsjer (Le petit requin)
Dit bedoel ik dus…

2. Vriendelijke mensen

Mensen zeggen hier spontaan goeiedag op straat en dat is iets dat in België jammer genoeg meer en meer verdwijnt. Ok, dat je in Brussel niet tegen iedereen die je passeert iets zegt, is logisch, want dan doe je niets anders meer. Idem trouwens in Zürich centrum, maar waar wij wonen – iets erbuiten – begroeten mensen elkaar echt nog. Als ik dat dan vergelijk met het dorp waar mijn ouders wonen, dan word ik daar vaak genegeerd of wantrouwig aangekeken wanneer ik mensen begroet en dat vind ik zo jammer! Het enige nadeel is dat de onbeleefderiken hier wel echt opvallen 😉
Mensen lijken hier nog meer vertrouwen te hebben in elkaar (zo doe ik mijn fiets hier soms zelfs niet eens meer met het gewone slot vast, laat staan dat ik mijn hangslot nog gebruik), kinderen stappen bijna allemaal alleen te voet naar school i.p.v. met de auto tot voor de schoolpoort gebracht te worden (wat jammer genoeg onder druk komt te staan door expats die dat wel doen)…

3. Structuur en organisatie

Tja, de Zwitsers staan er om bekend natuurlijk, maar ze maken hun reputatie ook wel echt waar. Treinen die stipt op tijd rijden, een goed onderhouden wegeninfrastructuur… Echt waar, als het zaterdagavond bij het slapengaan begint te sneeuwen en zondagochtend om 9u zijn niet alleen alle straten, maar ook alle paadjes van voordeuren naar de straat vrijgemaakt, dan wrijf je nog eens opnieuw in je ogen om zeker te zijn dat je wel wakker bent. Ook de administratie is ongelooflijk efficiënt: onze aanvraag voor een Zwitsers rijbewijs resulteerde erin dat we twee dagen later ons rijbewijs al in de bus kregen. Van onze aanvraag voor inschrijving bij de Belgische ambassade hebben we daarentegen al een maand niets gehoord 😉
Ondanks dat ik mij aan zo’n dingen niet zo vaak ergerde in België is het verschil toch gigantisch. Ik hoop dat we bij een eventuele terugkeer even snel weer wennen aan de chaos als nu aan de structuur 🙂

4. Internationaliteit

Ik weet het, vorige week zei ik nog dat Brussel diverser is dan Zürich en nu is het hier plots internationaler? Niet zo consequent he, Peeters?
Toch wel! Want hoewel Brussel heel internationaal is, was ons sociaal leven uiteindelijk zeer Belgisch. Logisch ook, een mens heeft nu eenmaal al vrienden en gaat dus niet per se contact zoeken met expats. Hier hebben we quasi geen contact met Belgen (als ik het mij goed herinner, twee man op bijna een jaar). Niet dat ze er niet zijn, maar we gaan er niet speciaal naar op zoek. Waarom zouden we ook tenslotte? ‘t Is zo’n verrijking om met mensen uit andere landen in contact te komen en onze kenissenkring hier is dan ook heel internationaal: Amerika, Rusland, Duitsland, Frankrijk, Iran, Mexico, Italië… zijn allemaal vertegenwoordigd. Andere achtergronden, standpunten, talen, ‘t is zo plezant om daar mee in aanraking te komen!

Zürichsee (Le petit requin)
Het meer van Zürich

5. Alles is nieuw

Ondanks dat we hier nu bijna een jaar wonen, voelt Zwitserland nog vaak aan als vakantie. Ok, die nieuwe dingen in de supermarkt zijn we ondertussen wel gewend 😉
Maar bijvoorbeeld een dagje gaan skiën in de winter of een stevige Alpenwandeling in de zomer… ‘t is “maar” een daguitstap, maar het is meestal de eerste keer dat we er komen en daardoor geeft het vaak het gevoel dat we een week op verlof geweest zijn.
Ook bijvoorbeeld Basel bezoeken voelde een paar weken geleden echt aan als een citytripje, terwijl het eigenlijk neerkomt op Antwerpen of Gent bezoeken ofzo. En ‘t is echt niet zo dat ik die steden zodanig goed ken dat ik er niets nieuws meer kan ontdekken, maar toch voelt het in België meer als gewoon “gaan” dan als “ontdekken”.

Basel (Le petit requin)
Ciytripje Basel

Weekmenu maart 2015

Aangezien ik mij voornam om in 2015 aan een 50/50-verhouding te komen tussen vegetarisch en vlees/vis, ga ik vanaf nu elke maand in een blogbericht een overzicht geven van het weekmenu van de afgelopen maand.
Deze weekmenu’s komen ook, zoals tevoren, in de tab weekmenu bovenaan.

1: Quiche met zalm, geitenkaas en spinazie (op bezoek bij vrienden, dus opnieuw een Dagen zonder vlees met vlees)

2: Hamburger met pasta en boontjes (idem, maar dit keer bij mijn grootmoeder)

3: Curry met kikkererwten, bloemkool en paprika (eerste vegetarische maaltijd in België; het was dan ook de eerste waar ik zelf achter de potten stond)

4: Pita met halloumi en frietjes (ik wilde vlak voor mijn vertrek naar Luik bij de Brusselse Greenway mijn Dagen zonder Vlees-bon inruilen, maar euhm, ik liep naar de (ondertussen blijkbaar verdwenen) vestiging van Subway. Aangezien ik geen idee had waar die Greenway zich dan wel zou bevinden, werd het een veggie pita in Brussel-Noord. Slim, ik weet het… Ach ja, mijn broer heeft er een gratis broodje aan overgehouden, want hij kan wel nog in Brussel langsgaan 🙂

5: Vegetarische lasagne (uit een pakje, dus zowel qua smaak als gezondheid geen topper, maar bon, het was dat of een niet vegetarische maaltijd uit de grootkeuken van het opleidingscentrum, want zelf kan je daar niet koken ‘s avonds).

6: Pizza vegetale @ Mirabella’s Pizza (Luik is mijn “alleen op restaurant gaan”-stad blijkbaar)

7: Parmigiana di melanzane met pasta (gebaseerd op de versie van vorige maand, maar dan met aubergine én courgette)

8: Vegetarische waterzooi (met aardappelen, wortels, champignons en prei)

9: Chili sin carne met mango (nog half ziek en dus geen zin in koken; gelukkig zijn er dan lekkere diepvriesrestjes)

10: Pasta met halloumi (opnieuw: diepvries for the win)

11: Vegetarische spaghetti (er is een diepvriesweek in zicht)

12: Groene curry met paprika, broccoli, kikkererwten en rijst (opnieuw diepvries, zij het dit keer niet meer uit luiheid, maar omdat ik nog eens een groentepakket wil bestellen en de diepvries daarom eerst leger wil)

13: Rest dag 12

14: Okrascheuten op Noord-Indische wijze @ Mayura

15: Parmigiana di melanzane met pasta (diepvriesportie van dag 07)

16: Cannelloni met witte kool en vegetarisch gehakt (en toen was de diepvries ongeveer leeg 😉

17: Witlooftaart

Witlooftaart (Photo-copy Ann)

18: Tagliatelle primavera @ Spiga

19: Salade met tomaat-mozzarella

20: Oosterse schotel met bloemkool, sperziebonen en mango-chutney (er zat bloemkool in het groentepakket en ik had nog mango chutney staan die ik al lang eens wilde gebruiken en zo kwam ik uit bij dit zeer geslaagd recept)

21: Pasta met snijbiet, radicchio, paprika en courgette met pijnboompitten (dit gerecht bouwden we op rond de snijbiet uit het pakket; ik koos extra groentjes uit en sneed alles, Johan zorgde voor de zeer lekkere bereiding en kruiding. Goed team wijle 🙂

Pasta met snijbiet, radicchio, paprika en courgette met pijnboompitten (Le petit requin)

22: Pasta met halloumi

23: Pizza pomodoro mozzarella

24: Bloemkool-broccolitaart

Bloemkool-broccolitaart (AH)

25: Rest dag 24

26: Pasta met schorseneren en champignons (ik vergat de parmezaan, terwijl die nochtans voor mijn neus klaar lag, maar ‘t was desondanks opnieuw heel lekker)

Mme Zsazsa (Le petit requin)

27: Spaghetti “bolognaise” (met bloemkool en walnoten als vleesvervanger is dit een leuke afwisseling voor vegetarisch gehakt; ‘t heeft alleszins gesmaakt)

Veggie spaghetti bolognaise (aMuse Rouge)

28: Panaeng curry van courgette en paprika met rijst

29: Vegetarische vol-au-vent met ovenfrietjes

30: Pannenkoeken (euhm ja, ‘s middags maakte ik pannenkoeken en normaal ging ik ‘s avonds nog een echte warme maaltijd maken, maar dat is er niet meer van gekomen. En dan vraagt een mens zich soms af waarom afvallen zo moeilijk is… 😉

31: “Hachis parmentier” met vegetarisch gehakt en witloof (lekker, maar wel wat droog)

Veggie hachis parmentier (Le petit requin)

Totaal: 29x vegetarisch / 1x vis / 1x vlees

Conclusie: ‘t zit wel goed met dat voornemen om nog meer vegetarisch te eten, denk ik 😉 Deze maand is dat hoge aantal uiteraard te wijten aan mijn deelname aan Dagen zonder Vlees, waarbij ik dus ook twee keer “vals speelde”. Maakt niet uit, ik had mij voorgenomen om zoveel mogelijk vegetarisch te eten, maar niemand in mijn omgeving te verplichten plots anders te moeten koken voor mij en zo is het ook geweest. Ideaal!

Week 2015/13 in woord en beeld

Eindigde de vorige week nog met verwarring rond de wissel naar zomertijd, dan startte deze week niet veel beter. Ik had geschilderd en had een vodje gebruikt om wat vlekken op de vloer te verwijderen met terpentijn. Slimmerik die ik ben, dacht ik dat ik dat wel gewoon mee in de kookwas kon smijten om dat terug proper te maken. Ha, niet dus! Niet alleen stonk de ganse was naar terpentijn, ook de machine zelf. Alles nog eens opnieuw wassen bood geen soelaas, maar online opzoekwerk bracht – naast de opluchting dat ik duidelijk niet de enige ben die zo’n stoten uithaalt – ook de oplossing, namelijk gewoon veel verluchten en wachten. Tegen het einde van de week was de geur weg; de was die ik tussendoor nog draaide was na een dag buiten uitwaaien ook opnieuw volledig geurloos.

Le petit requin

Na een paar weken een beetje prutsen, ging het sporten deze week opnieuw goed met elke weekdag ‘s ochtends een yogasessie van +/- 30min en drie looptrainingen, waaronder op zondag eentje samen met Johan met 170 hoogtemeters. Ik heb vaak de neiging om de steilste stukken bergop te wandelen, maar dit keer liepen we alles op. De achillespezen werden nog eens extra gestretcht achteraf, want daar voel je dat toch wel het meeste aan.

Le petit requin

Zaterdag gingen we ook mountainbiken, waarbij dat uitzicht bovenop de Uetliberg toch telkens motiveert op de steilste stukken onderweg 🙂

Le petit requin

Ik las deze week ook al wat voor onze geplande reizen: een citytrip naar Firenze in mei, hopelijk twee weken rondtrekken in Kroatië in de zomer en Patagonië op het einde van het jaar. Tips zijn trouwens altijd welkom, want de mogelijkheden zijn soms overweldigend 🙂

Le petit requin

5 dingen die geweldig zijn aan België

Zo verhuizen naar het buitenland, dat is een fantastische ervaring, eentje waarbij ik ook merk dat ik best wel makkelijk kan “aarden” op een andere plek. Desondanks zijn er uiteraard ook dingen die ik (soms) mis. Een lijstje in – op het eerste puntje na – willekeurige volgorde:

1. Familie & vrienden

De meest evidente waarschijnlijk en ook de moeilijkste. We hebben nog veel contact met het thuisfront, maar een afgesproken Skypesessie is natuurlijk nog iets anders dan eventjes binnen springen, eens bellen of elkaar in het echt zien. Met mijn broer chat ik tussendoor wel nog regelmatig en gelukkig maar, want hij is zonder twijfel een van degenen die ik het meeste mis. Het wringt soms, wanneer ik bijvoorbeeld zie dat hij het wat moeilijker heeft met dingen, dat ik dan hier zit en enkel door een schermpje wat kan helpen i.p.v. daar te zijn.
Gelukkig wonen we al bij al nog dicht bij België en gaan we regelmatig terug!

Aletschgletsjer (Le petit requin)
Met mijn broer bij de Aletschgletsjer

2. De prijzen

Zolang ik in België woonde, vond ik het leven daar vrij gemiddeld van prijs. Tot we dus hier kwamen wonen en geconfronteerd werden met de Zwitserse levenskost. Om even een idee te geven: wij betalen ongeveer 500 CHF (ofte dus 500 euro) ziekteverzekering per maand (ja ja, niet per jaar, per maand!). Huurprijzen, boodschappen… alles is hier zoveel duurder. Op zich is dat natuurlijk geen probleem, want de lonen liggen gelukkig ook hoger, maar soms is het wel schrikken. Het heeft echter ook als voordeel dat België nu spotgoedkoop geworden is 🙂

3. Vrouwenemancipatie

‘t Is niet dat het hier verschrikkelijk slecht gesteld is met vrouwenrechten (al hebben ze hier nog maar sinds de jaren ’70 vrouwenstemrecht), maar ik merk toch wel duidelijk verschil. Doordat onder andere kinderopvang hier verschrikkelijk duur is (fulltime opvang kost ongeveer 3000 CHF per maand), zijn er een pak meer vrouwen die thuis blijven voor de kinderen. Geen probleem daarmee, zolang het maar een vrijwillige keuze is en niet vanuit een idee dat het nu eenmaal maar de vrouw moet zijn die een stap terug zet en voor de kinderen zorgt. Op dat gebied voelt het hier soms zoals het 20-30 jaar geleden waarschijnlijk in België was.
Wanneer ik met Zwitsers praat over de zoektocht naar werk, doen die daar soms ook heel laconiek over. Want ja, Johan verdient toch genoeg voor ons beiden, dus waarom heb ik eigenlijk werk nodig? Euhm ja, hallo?! Misschien omdat ik dat ook gewoon wil en omdat ik – hoe graag ik Johan ook zie – niet afhankelijk wil zijn van wie dan ook.
Er is in België zonder twijfel nog werk aan de winkel, maar het traditionele rollenpatroon is er toch echt wel al meer doorbroken.

4. Brussel

Die stad heeft mijn hart gestolen en ik voelde mij daar heel erg thuis. Zürich is ook een heel leuke stad, maar op dit moment kan ze nog niet op tegen Brussel. Dat is natuurlijk ook wel omdat ik ze nog niet zo goed ken: in Brussel had ik mijn favoriete restaurants, mijn favoriete boekenwinkel, mijn favoriete straten… en dat is hier tot nu toe nog niet het geval, al ga ik er vanuit dat dat wel nog zal komen, ik kende al die dingen in Brussel ook niet op één dag natuurlijk 🙂
Wat ook anders is: Zürich is heel internationaal (20% van de bevolking hier in Zwitserland zijn buitenlanders) en het is zalig om net zoals in Brussel zoveel talen op straat te horen. En toch, toch komt Brussel diverser over. Zürich is – om het cru uit te drukken – “blank internationaal”: je hoort de verschillende nationaliteiten wel als je over straat loopt, maar je ziet het bijna niet. Als ik in Brussel ben, kan ik zo blij worden van al die kleur op straat!

Stadhuis Brussel (Le petit requin)
Kleurrijk Brussel 😉

5. Eten

De Zwitserse chocolade kan uiteraard niet tippen aan de Belgische 😉 Desondanks is dat nog het minste, want chocolade kan je meenemen. Dat is al een pak lastiger met dingen als gehakt (niet zo lekker gekruid) of américain (gewoon onbestaande), die echt een delicatesse geworden zijn. Zwitserland is op dat gebied wel geen primeur; ook in Duitsland had ik datzelfde “probleem”: toen ik terugkwam van Erasmus en mijn moeder vroeg wat ik wilde eten, was dat dan ook zonder enige twijfel een sandwich met américain 🙂
Gemis bestaat dus soms ook uit heel onnozele, kleine dingen!

Voor wie nu denkt dat ik België keihard mis en terug wil: dat is echt niet het geval; bovenstaande dingen kan ik missen, maar echt heimwee krijg ik er zelden door (op puntje 1 na dan). Zwitserland heeft dan ook minstens evenveel geweldige dingen, maar die hou ik voor een volgend blogje 🙂

Gemaakt: gekleurde sleutels

Ik weet niet hoe jullie sleutelbos eruitziet, maar de mijne was problematisch. Niet omwille van het aantal sleutels, wel omdat twee van de drie identiek zijn op een cijfercode na. Een cijfercode die er zodanig klein opstaat dat ik in het donker gewoon scheel begin te kijken wanneer ik ze probeer te zien.
En jawel, mijn timing is perfect, zo vlak na de wissel naar zomertijd nu een mens meestal thuiskomt wanneer het nog licht is, maar ja, zo gaat dat zeker. Ik ben dan al maar zéér voorbereid op de volgende herfst en winter, denk ik dan. Hoe dan ook is het ook overdag wel handig om direct te zien welke sleutel de goede is.

Het idee zag ik ooit ergens voorbijkomen (jammer genoeg geen idee meer waar) en hoewel ik mijn nagellakpotjes het afgelopen jaar al een pak meer gebruikte dan vroeger, was een extra toepassing zeker welkom.

Benodigdheden

  • twee tweelingsleutels
  • twee goed van elkaar te onderscheiden kleurtjes nagellak (test dit op voorhand eens door in een kamer het licht uit te doen en enkel een kiertje licht binnen te laten)

Le petit requin

Werkwijze

  • Lak de ene sleutel in de ene kleur en de andere in de andere kleur (die had ge niet zien aankomen waarschijnlijk 😉 ). Ik hield het simpel met effen kleurtjes, maar laat je vooral gaan met motiefjes en ombré overgangen en toestanden als je dat plezant vindt.
  • Denk op voorhand na over een constructie om je sleutels tussen te klemmen om ze te laten drogen. Ik klemde het deel dat in het slot gaat tussen twee voorwerpen, maar je kan bijvoorbeeld ook werken met een wasknijper of dergelijke.

Le petit requin

  • Lak best enkel het deel dat je vasthoudt en niet het deel dat in het sleutelgat verdwijnt; ik heb het niet uitgetest, maar wilde niet het risico nemen dat ik mijn deur niet meer zou kunnen openen 🙂
  • Wie schrik zou hebben de nagellak er niet meer af te krijgen: in principe kan je dit altijd met nagellak remover verwijderen. Ik heb het getest na een paar dagen en dat was geen probleem. Of het binnen een paar jaar nog altijd lukt, zal ik jullie dan weten zeggen 😉 . Hoe dan ook vermoed ik dat die nagellak sowieso wel langzaam zal slijten, net zoals hij op nagels ook doet.

Le petit requin

Voila, wie weet is dit nog wel handig voor mensen die net zoals mij niet langer scheel willen worden van hun sleutels! Sorry indien de titel veelbelovender klonk dan het was, maar ja, gemaakt is gemaakt he 🙂