Week 2015/14 in woord en beeld

Maandag ruimde ik de keuken volledig op, waar het al bij al best wel meeviel met het teveel aan gerief, al bleken we wel drie blikopeners te hebben (eentje bleef behouden, eentje ligt nu bij het kampeergerief en eentje op de weggeefstapel). Hoe die vorig jaar alledrie door de verhuisselectie geraakt zijn, ik snap het nog niet.
Daarnaast verdwenen voornamelijk een aantal ongebruikte tassen en bakvormen en kochten we eindelijk eens een deftig steelpannetje, waardoor de twee oude, die telkens weer voor frustratie zorgden, weg mochten. Ik verschoof ook wel een aantal dingen van plaats (en zorgde daardoor de rest van de week voor wat extra hersenoefening, omdat we allebei nog moesten wennen aan de nieuwe indeling). Belangrijkste reden was dat ik meer plaats wilde voor onze verschillende meelsoorten, aangezien we – sinds we een keukenrobot kregen van mijn ouders – bijna altijd zelf brood maken. En dat is des te leuker wanneer we kunnen afwisselen, wat momenteel met ruim 10 verschillende soorten zeker lukt!

Le petit requin

Ik waste deze week ook voor het eerste met “seepje” (hoe schattig is die naam wel niet seg :), een plantaardig wasmiddel dat ik kocht op het Fair Fashion Fest. Het werd zeker goedgekeurd, al moet de grote test – een wasmachine vol modderige mountainbikekleren – nog komen 😉

Le petit requin

Woensdag ging ik voor het eerst sinds januari nog eens zwemmen (jaja, dat voornemen om 12x te gaan zwemmen gaat nog moeilijk worden op deze manier). Het deed zodanig deugd dat ik mij een beetje liet gaan en meteen 1,5km zwom. Ook al is zwemmen een van de beste sporten om spierpijn e.d. te vermijden, toch voelde ik het de dag erna. Ach ja, wie weet zal ik het ooit wel eens leren om niet meer overmoedig te zijn…

Le petit requin

Ik ontdekte deze week tijdens een reactie bij Gerhilde ook dat mijn spellingchecker blijkbaar een West-Vlaming is. De correcte schrijfwijze van geupdate is volgens hem namelijk niet geüpdatet, maar wel heupdate. En ja, ik weet wel dat hij niet he-update bedoelt, maar ook bij een heup-date weet ik niet zo goed wat ik mij daar juist bij moet voorstellen.

Le petit requin

En daar hield het niet op met de moeilijke woorden voor deze week, want ik waagde mij aan een Zwitsersduits boekje, Chuum zum Gluube. Best wel uitdagend, omdat je een onbekend woord niet zomaar in het woordenboek kan opzoeken. Ah ja, er bestaat namelijk niet één Zwitsersduitse spelling en zo was ik een kwartier googelen verder voordat ik ontdekte dat “iinisch” op de meeste plaatsen wordt geschreven als “einisch” en dat het “einmal” betekent. Vlot leest het dus niet bepaald, maar het is desondanks wel leuk om mijn begrip van het Zwitsersduits met kleine stapjes per keer te zien verbeteren.

Le petit requin

Vrijdagavond kwamen twee ex-collega’s van Johan toe voor een Paasbezoekje. Het weer zag er jammer genoeg niet echt schitterend uit, maar we besloten het er desondanks op te wagen om een dagje te skiën in Davos. Het zicht was bij momenten zodanig slecht dat het meer skiën op gevoel was dan iets anders, maar het deed desondanks deugd.
Ik ging wel eventjes serieus over mijn grenzen, doordat ik – lang leve de mist – een afdaling een euhm… ietsje pietsje korter inschatte dan ze was. Dat gevoel als je je vanaf boven laat gaan en halfweg plots merkt dat er nog een extra knik in de afdaling zit, waardoor je enkel nog maar kan denken “aaaaaaaaargh te snel, te snel”… wel, ik kan het aanraden als je heelhuids beneden raakt, want dan geeft het vooral een ongelooflijke kick. Anderzijds, had ik een verkeerde beweging gemaakt, dan zat ik dit nu vermoedelijk met een gebroken been te typen. 
En ja, als je als enige vrouw met drie mannen op stap gaat en zo’n stoot uithaalt, dan krijg je natuurlijk dit: je draait je beneden om om naar hen te kijken (zij stonden nog bovenaan) en denkt “ik hoop dat die mij niet gaan nadoen”, maar uiteraard doen ze dat wel. M. haalde het, al zag hij halverwege ongeveer even bleek als ik er moet uitgezien hebben en was zijn reactie “what the f****ck was dat jong” duidelijk genoeg 🙂 Johan ging tegen de grond toen hij zijn snelheid wilde verminderen, gelukkig zonder veel erg (desondanks: instant schuldgevoel, check!) en D. bekeek het allemaal eventjes en besloot dan maar als enige op een normale manier naar beneden te komen.
Ik zei het al, plezant dagje 😉

Le petit requin

Zondag ging de drie mannen fietsen en bleef ik “noodgedwongen” thuis, aangezien ik het niet echt zag zitten om op mijn damesfietsje mee te doen. Dat gaf mij dan weer wel tijd om mijn derde looptraining van de week af te werken en wafels te maken. Ah ja, ’t was ook de Ronde van Vlaanderen vandaag en het is hier ten huize Depoorter-Peeters ondertussen een traditie geworden om dat te combineren met wafels.

Le petit requin

We sloten hun bezoek af met een avondbezoekje aan Zürich centrum, waar het extreem kalm was, vermoedelijk door de combinatie van zondag en Pasen. Plezant en vermoeiend weekend (het lukt ons blijkbaar niet om mensen uitgeruster naar huis te laten vertrekken dan ze zijn toegekomen 🙂

5 dingen die geweldig zijn aan Zwitserland

Vorige week liet ik jullie al weten wat er zo geweldig is aan België, maar gelukkig is Zwitserland ook nogal geweldig. Opnieuw vijf dingen:

1. De natuur

Die bergen! Geef mij die bergen en ik ben content. Er middenin zitten krijgt natuurlijk de voorkeur, maar gewoon hier eventjes “onze” berg opwandelen en ik heb er al een fantastisch zicht op. Ik weet nu al dat als we hier ooit weer vertrekken, dat ik die bergen zo hard ga missen. De mogelijkheden zijn ook eindeloos: skiën, wandelen, fietsen… you name it en wij hebben de optie om dat in de meest fantastische landschappen te doen. Zijn het geen bergen, dan wel mooie meren (of meren met zicht op de bergen 😉

Wat ik misschien nog meer zou missen: de natuur vlakbij. Als ik een toertje ga lopen, dan zit ik binnen de twee minuten in een bos langs de rivier. Zalig gewoon! Daar kan het betonnen fietspad langs het kanaal in Brussel echt niet aan tippen 🙂

Aletschgletsjer (Le petit requin)
Dit bedoel ik dus…

2. Vriendelijke mensen

Mensen zeggen hier spontaan goeiedag op straat en dat is iets dat in België jammer genoeg meer en meer verdwijnt. Ok, dat je in Brussel niet tegen iedereen die je passeert iets zegt, is logisch, want dan doe je niets anders meer. Idem trouwens in Zürich centrum, maar waar wij wonen – iets erbuiten – begroeten mensen elkaar echt nog. Als ik dat dan vergelijk met het dorp waar mijn ouders wonen, dan word ik daar vaak genegeerd of wantrouwig aangekeken wanneer ik mensen begroet en dat vind ik zo jammer! Het enige nadeel is dat de onbeleefderiken hier wel echt opvallen 😉
Mensen lijken hier nog meer vertrouwen te hebben in elkaar (zo doe ik mijn fiets hier soms zelfs niet eens meer met het gewone slot vast, laat staan dat ik mijn hangslot nog gebruik), kinderen stappen bijna allemaal alleen te voet naar school i.p.v. met de auto tot voor de schoolpoort gebracht te worden (wat jammer genoeg onder druk komt te staan door expats die dat wel doen)…

3. Structuur en organisatie

Tja, de Zwitsers staan er om bekend natuurlijk, maar ze maken hun reputatie ook wel echt waar. Treinen die stipt op tijd rijden, een goed onderhouden wegeninfrastructuur… Echt waar, als het zaterdagavond bij het slapengaan begint te sneeuwen en zondagochtend om 9u zijn niet alleen alle straten, maar ook alle paadjes van voordeuren naar de straat vrijgemaakt, dan wrijf je nog eens opnieuw in je ogen om zeker te zijn dat je wel wakker bent. Ook de administratie is ongelooflijk efficiënt: onze aanvraag voor een Zwitsers rijbewijs resulteerde erin dat we twee dagen later ons rijbewijs al in de bus kregen. Van onze aanvraag voor inschrijving bij de Belgische ambassade hebben we daarentegen al een maand niets gehoord 😉
Ondanks dat ik mij aan zo’n dingen niet zo vaak ergerde in België is het verschil toch gigantisch. Ik hoop dat we bij een eventuele terugkeer even snel weer wennen aan de chaos als nu aan de structuur 🙂

4. Internationaliteit

Ik weet het, vorige week zei ik nog dat Brussel diverser is dan Zürich en nu is het hier plots internationaler? Niet zo consequent he, Peeters?
Toch wel! Want hoewel Brussel heel internationaal is, was ons sociaal leven uiteindelijk zeer Belgisch. Logisch ook, een mens heeft nu eenmaal al vrienden en gaat dus niet per se contact zoeken met expats. Hier hebben we quasi geen contact met Belgen (als ik het mij goed herinner, twee man op bijna een jaar). Niet dat ze er niet zijn, maar we gaan er niet speciaal naar op zoek. Waarom zouden we ook tenslotte? ’t Is zo’n verrijking om met mensen uit andere landen in contact te komen en onze kenissenkring hier is dan ook heel internationaal: Amerika, Rusland, Duitsland, Frankrijk, Iran, Mexico, Italië… zijn allemaal vertegenwoordigd. Andere achtergronden, standpunten, talen, ’t is zo plezant om daar mee in aanraking te komen!

Zürichsee (Le petit requin)
Het meer van Zürich

5. Alles is nieuw

Ondanks dat we hier nu bijna een jaar wonen, voelt Zwitserland nog vaak aan als vakantie. Ok, die nieuwe dingen in de supermarkt zijn we ondertussen wel gewend 😉
Maar bijvoorbeeld een dagje gaan skiën in de winter of een stevige Alpenwandeling in de zomer… ’t is “maar” een daguitstap, maar het is meestal de eerste keer dat we er komen en daardoor geeft het vaak het gevoel dat we een week op verlof geweest zijn.
Ook bijvoorbeeld Basel bezoeken voelde een paar weken geleden echt aan als een citytripje, terwijl het eigenlijk neerkomt op Antwerpen of Gent bezoeken ofzo. En ’t is echt niet zo dat ik die steden zodanig goed ken dat ik er niets nieuws meer kan ontdekken, maar toch voelt het in België meer als gewoon “gaan” dan als “ontdekken”.

Basel (Le petit requin)
Ciytripje Basel

Weekmenu maart 2015

Aangezien ik mij voornam om in 2015 aan een 50/50-verhouding te komen tussen vegetarisch en vlees/vis, ga ik vanaf nu elke maand in een blogbericht een overzicht geven van het weekmenu van de afgelopen maand.
Deze weekmenu’s komen ook, zoals tevoren, in de tab weekmenu bovenaan.

1: Quiche met zalm, geitenkaas en spinazie (op bezoek bij vrienden, dus opnieuw een Dagen zonder vlees met vlees)

2: Hamburger met pasta en boontjes (idem, maar dit keer bij mijn grootmoeder)

3: Curry met kikkererwten, bloemkool en paprika (eerste vegetarische maaltijd in België; het was dan ook de eerste waar ik zelf achter de potten stond)

4: Pita met halloumi en frietjes (ik wilde vlak voor mijn vertrek naar Luik bij de Brusselse Greenway mijn Dagen zonder Vlees-bon inruilen, maar euhm, ik liep naar de (ondertussen blijkbaar verdwenen) vestiging van Subway. Aangezien ik geen idee had waar die Greenway zich dan wel zou bevinden, werd het een veggie pita in Brussel-Noord. Slim, ik weet het… Ach ja, mijn broer heeft er een gratis broodje aan overgehouden, want hij kan wel nog in Brussel langsgaan 🙂

5: Vegetarische lasagne (uit een pakje, dus zowel qua smaak als gezondheid geen topper, maar bon, het was dat of een niet vegetarische maaltijd uit de grootkeuken van het opleidingscentrum, want zelf kan je daar niet koken ’s avonds).

6: Pizza vegetale @ Mirabella’s Pizza (Luik is mijn “alleen op restaurant gaan”-stad blijkbaar)

7: Parmigiana di melanzane met pasta (gebaseerd op de versie van vorige maand, maar dan met aubergine én courgette)

8: Vegetarische waterzooi (met aardappelen, wortels, champignons en prei)

9: Chili sin carne met mango (nog half ziek en dus geen zin in koken; gelukkig zijn er dan lekkere diepvriesrestjes)

10: Pasta met halloumi (opnieuw: diepvries for the win)

11: Vegetarische spaghetti (er is een diepvriesweek in zicht)

12: Groene curry met paprika, broccoli, kikkererwten en rijst (opnieuw diepvries, zij het dit keer niet meer uit luiheid, maar omdat ik nog eens een groentepakket wil bestellen en de diepvries daarom eerst leger wil)

13: Rest dag 12

14: Okrascheuten op Noord-Indische wijze @ Mayura

15: Parmigiana di melanzane met pasta (diepvriesportie van dag 07)

16: Cannelloni met witte kool en vegetarisch gehakt (en toen was de diepvries ongeveer leeg 😉

17: Witlooftaart

Witlooftaart (Photo-copy Ann)

18: Tagliatelle primavera @ Spiga

19: Salade met tomaat-mozzarella

20: Oosterse schotel met bloemkool, sperziebonen en mango-chutney (er zat bloemkool in het groentepakket en ik had nog mango chutney staan die ik al lang eens wilde gebruiken en zo kwam ik uit bij dit zeer geslaagd recept)

21: Pasta met snijbiet, radicchio, paprika en courgette met pijnboompitten (dit gerecht bouwden we op rond de snijbiet uit het pakket; ik koos extra groentjes uit en sneed alles, Johan zorgde voor de zeer lekkere bereiding en kruiding. Goed team wijle 🙂

Pasta met snijbiet, radicchio, paprika en courgette met pijnboompitten (Le petit requin)

22: Pasta met halloumi

23: Pizza pomodoro mozzarella

24: Bloemkool-broccolitaart

Bloemkool-broccolitaart (AH)

25: Rest dag 24

26: Pasta met schorseneren en champignons (ik vergat de parmezaan, terwijl die nochtans voor mijn neus klaar lag, maar ’t was desondanks opnieuw heel lekker)

Mme Zsazsa (Le petit requin)

27: Spaghetti “bolognaise” (met bloemkool en walnoten als vleesvervanger is dit een leuke afwisseling voor vegetarisch gehakt; ’t heeft alleszins gesmaakt)

Veggie spaghetti bolognaise (aMuse Rouge)

28: Panaeng curry van courgette en paprika met rijst

29: Vegetarische vol-au-vent met ovenfrietjes

30: Pannenkoeken (euhm ja, ’s middags maakte ik pannenkoeken en normaal ging ik ’s avonds nog een echte warme maaltijd maken, maar dat is er niet meer van gekomen. En dan vraagt een mens zich soms af waarom afvallen zo moeilijk is… 😉

31: “Hachis parmentier” met vegetarisch gehakt en witloof (lekker, maar wel wat droog)

Veggie hachis parmentier (Le petit requin)

Totaal: 29x vegetarisch / 1x vis / 1x vlees

Conclusie: ’t zit wel goed met dat voornemen om nog meer vegetarisch te eten, denk ik 😉 Deze maand is dat hoge aantal uiteraard te wijten aan mijn deelname aan Dagen zonder Vlees, waarbij ik dus ook twee keer “vals speelde”. Maakt niet uit, ik had mij voorgenomen om zoveel mogelijk vegetarisch te eten, maar niemand in mijn omgeving te verplichten plots anders te moeten koken voor mij en zo is het ook geweest. Ideaal!

Week 2015/13 in woord en beeld

Eindigde de vorige week nog met verwarring rond de wissel naar zomertijd, dan startte deze week niet veel beter. Ik had geschilderd en had een vodje gebruikt om wat vlekken op de vloer te verwijderen met terpentijn. Slimmerik die ik ben, dacht ik dat ik dat wel gewoon mee in de kookwas kon smijten om dat terug proper te maken. Ha, niet dus! Niet alleen stonk de ganse was naar terpentijn, ook de machine zelf. Alles nog eens opnieuw wassen bood geen soelaas, maar online opzoekwerk bracht – naast de opluchting dat ik duidelijk niet de enige ben die zo’n stoten uithaalt – ook de oplossing, namelijk gewoon veel verluchten en wachten. Tegen het einde van de week was de geur weg; de was die ik tussendoor nog draaide was na een dag buiten uitwaaien ook opnieuw volledig geurloos.

Le petit requin

Na een paar weken een beetje prutsen, ging het sporten deze week opnieuw goed met elke weekdag ’s ochtends een yogasessie van +/- 30min en drie looptrainingen, waaronder op zondag eentje samen met Johan met 170 hoogtemeters. Ik heb vaak de neiging om de steilste stukken bergop te wandelen, maar dit keer liepen we alles op. De achillespezen werden nog eens extra gestretcht achteraf, want daar voel je dat toch wel het meeste aan.

Le petit requin

Zaterdag gingen we ook mountainbiken, waarbij dat uitzicht bovenop de Uetliberg toch telkens motiveert op de steilste stukken onderweg 🙂

Le petit requin

Ik las deze week ook al wat voor onze geplande reizen: een citytrip naar Firenze in mei, hopelijk twee weken rondtrekken in Kroatië in de zomer en Patagonië op het einde van het jaar. Tips zijn trouwens altijd welkom, want de mogelijkheden zijn soms overweldigend 🙂

Le petit requin

5 dingen die geweldig zijn aan België

Zo verhuizen naar het buitenland, dat is een fantastische ervaring, eentje waarbij ik ook merk dat ik best wel makkelijk kan “aarden” op een andere plek. Desondanks zijn er uiteraard ook dingen die ik (soms) mis. Een lijstje in – op het eerste puntje na – willekeurige volgorde:

1. Familie & vrienden

De meest evidente waarschijnlijk en ook de moeilijkste. We hebben nog veel contact met het thuisfront, maar een afgesproken Skypesessie is natuurlijk nog iets anders dan eventjes binnen springen, eens bellen of elkaar in het echt zien. Met mijn broer chat ik tussendoor wel nog regelmatig en gelukkig maar, want hij is zonder twijfel een van degenen die ik het meeste mis. Het wringt soms, wanneer ik bijvoorbeeld zie dat hij het wat moeilijker heeft met dingen, dat ik dan hier zit en enkel door een schermpje wat kan helpen i.p.v. daar te zijn.
Gelukkig wonen we al bij al nog dicht bij België en gaan we regelmatig terug!

Aletschgletsjer (Le petit requin)
Met mijn broer bij de Aletschgletsjer

2. De prijzen

Zolang ik in België woonde, vond ik het leven daar vrij gemiddeld van prijs. Tot we dus hier kwamen wonen en geconfronteerd werden met de Zwitserse levenskost. Om even een idee te geven: wij betalen ongeveer 500 CHF (ofte dus 500 euro) ziekteverzekering per maand (ja ja, niet per jaar, per maand!). Huurprijzen, boodschappen… alles is hier zoveel duurder. Op zich is dat natuurlijk geen probleem, want de lonen liggen gelukkig ook hoger, maar soms is het wel schrikken. Het heeft echter ook als voordeel dat België nu spotgoedkoop geworden is 🙂

3. Vrouwenemancipatie

’t Is niet dat het hier verschrikkelijk slecht gesteld is met vrouwenrechten (al hebben ze hier nog maar sinds de jaren ’70 vrouwenstemrecht), maar ik merk toch wel duidelijk verschil. Doordat onder andere kinderopvang hier verschrikkelijk duur is (fulltime opvang kost ongeveer 3000 CHF per maand), zijn er een pak meer vrouwen die thuis blijven voor de kinderen. Geen probleem daarmee, zolang het maar een vrijwillige keuze is en niet vanuit een idee dat het nu eenmaal maar de vrouw moet zijn die een stap terug zet en voor de kinderen zorgt. Op dat gebied voelt het hier soms zoals het 20-30 jaar geleden waarschijnlijk in België was.
Wanneer ik met Zwitsers praat over de zoektocht naar werk, doen die daar soms ook heel laconiek over. Want ja, Johan verdient toch genoeg voor ons beiden, dus waarom heb ik eigenlijk werk nodig? Euhm ja, hallo?! Misschien omdat ik dat ook gewoon wil en omdat ik – hoe graag ik Johan ook zie – niet afhankelijk wil zijn van wie dan ook.
Er is in België zonder twijfel nog werk aan de winkel, maar het traditionele rollenpatroon is er toch echt wel al meer doorbroken.

4. Brussel

Die stad heeft mijn hart gestolen en ik voelde mij daar heel erg thuis. Zürich is ook een heel leuke stad, maar op dit moment kan ze nog niet op tegen Brussel. Dat is natuurlijk ook wel omdat ik ze nog niet zo goed ken: in Brussel had ik mijn favoriete restaurants, mijn favoriete boekenwinkel, mijn favoriete straten… en dat is hier tot nu toe nog niet het geval, al ga ik er vanuit dat dat wel nog zal komen, ik kende al die dingen in Brussel ook niet op één dag natuurlijk 🙂
Wat ook anders is: Zürich is heel internationaal (20% van de bevolking hier in Zwitserland zijn buitenlanders) en het is zalig om net zoals in Brussel zoveel talen op straat te horen. En toch, toch komt Brussel diverser over. Zürich is – om het cru uit te drukken – “blank internationaal”: je hoort de verschillende nationaliteiten wel als je over straat loopt, maar je ziet het bijna niet. Als ik in Brussel ben, kan ik zo blij worden van al die kleur op straat!

Stadhuis Brussel (Le petit requin)
Kleurrijk Brussel 😉

5. Eten

De Zwitserse chocolade kan uiteraard niet tippen aan de Belgische 😉 Desondanks is dat nog het minste, want chocolade kan je meenemen. Dat is al een pak lastiger met dingen als gehakt (niet zo lekker gekruid) of américain (gewoon onbestaande), die echt een delicatesse geworden zijn. Zwitserland is op dat gebied wel geen primeur; ook in Duitsland had ik datzelfde “probleem”: toen ik terugkwam van Erasmus en mijn moeder vroeg wat ik wilde eten, was dat dan ook zonder enige twijfel een sandwich met américain 🙂
Gemis bestaat dus soms ook uit heel onnozele, kleine dingen!

Voor wie nu denkt dat ik België keihard mis en terug wil: dat is echt niet het geval; bovenstaande dingen kan ik missen, maar echt heimwee krijg ik er zelden door (op puntje 1 na dan). Zwitserland heeft dan ook minstens evenveel geweldige dingen, maar die hou ik voor een volgend blogje 🙂