Gelezen in januari 2015

Januari werd een zeer afwisselende leesmaand, met non-fictie, fictie, graphic novels en een kinderverhaal. Het was er niet om gedaan, maar dat maakt dat ik ook meteen een paar puntjes van de Verbeelding Book Challenge 2015 kan schrappen. In het ideale geval heb ik op het einde van het jaar voor elk puntje een verschillend boek en daarom breng ik voorlopig elk boek onder in elke categorie waar het thuishoort, zodat ik indien nodig nog kan kiezen bij welke categorie ik het definitief zet.
Behalve afwisselend, was januari ook verrassend: had je mij zelfs nog maar vorig jaar gezegd dat ik ooit met plezier strips over zombies zou lezen, ik zou eens meewarig met mijn hoofd geschud hebben. Maar kijk waar mijn leesjaar mee startte:

Robert Kirkman, Walking dead Vol. 01 tot 03

Walking dead, Vol. 01 (Robert Kirkman)

Johan volgt de tv-serie die op deze strips gebaseerd is en hij (en mijn broer en een vriend van Johan en…) is daar zeer enthousiast over. Ik zit soms naast hem in de zetel te lezen terwijl hij tv kijkt en zo ving ik er wel wat scènes van op, maar dat is dus echt absoluut niets voor mij. Toen we als cadeau voor iemand dan ook de eerste drie strips kochten, keek ik er niet naar om. Ah ja, zombies zeker, ge ziet dat van hier.

Walking dead, Vol. 02 (Robert Kirkman)

En toen, door wat enkel kan omschreven worden als een acuut geval van leeshonger, nam ik toch die eerste strip vast en plots merkte ik dat ik helemaal in het verhaal zat. Een verhaal over zombies dus he.
Toen ik besefte dat ik de strips een dag later al weer moest afgeven, ben ik als een halve zot beginnen lezen (voor het geval jullie je afvragen of ik dat vaker doe: meestal ben ik wel zo sympathiek om cadeautjes niet eerst uit te testen) en het verhaal bleef goed. Het blijft niet helemaal mijn genre, maar toch las ik dit wel graag.

Walking dead, Vol. 02 (Robert Kirkman)

Waarom dit wel en de serie niet? Ik weet het niet goed; het feit dat ik hier nog iets meer aan mijn verbeelding kan overlaten (wat hier bizar genoeg leidt tot een minder gruwelijk scenario, in tegenstelling tot wat meestal het geval is), het feit dat de tekeningen in zwart-wit zijn en je het bloed dus niet zo erg in het rond ziet spatten als op scherm…
Een ding weet ik alleszins wel: nieuwe boeken altijd een kans geven, want zelfs diegene die je beschouwt als “totaal niet mijn ding” blijken plots best wel aangenaam leesvoer.

Verbeelding book challenge
6. Een graphic novel
16. Een reeks (telt enkel mee als je niet de volledige reeks moet lezen, want hoewel ik wel nog wat nummers wil lezen, betwijfel ik dat ik de ganse serie ga doornemen)

Wouter Deprez, Kies

Kies (Wouter Deprez)

Vorig jaar las ik de reeks brieven die Wouter Deprez aan zijn zoontje schreef en daar was ik heel erg fan van (vooral dan het eerste van de drie boeken).

Toen ik Kies op Goodreads zag voorbijkomen, zette ik het dan ook onmiddellijk op mijn to readlijstje en dat bleek heel terecht. Deprez gaat in op de “ziekte” van onze maatschappij: (niet kunnen) kiezen, iets waar ik het zelf ook heel vaak (om niet te zeggen continu) moeilijk mee heb. De herkenbaarheid van dit stukje bijvoorbeeld was gigantisch:

Het is belangrijk. Ik wil geen spijt meer. Ik wil geen kwaadheid. Toch niet op mezelf.

Als je geen keuze hebt, kun je kwaad zijn op datgene waardoor je niet kunt of mag kiezen.
De godsdienst, de groep, de familie, de oorlog, de schaarste, de ziekte.

Als je wel keuze hebt, maar je kiest het verkeerde.
Op wie of wat kan ik dan kwaad zijn?
Niets of niemand heeft me ergens toe verplicht.
Ik kon alle informatie vragen of zoeken.
Ik kon alle keuzemogelijkheden tegen mekaar afwegen, als klompjes goud in zo’n juweliersweegschaaltje.
En toch fout gekozen.
Dan kan ik enkel woest zijn op de loser die de grote mogelijkheden heeft verkloot.

Ikzelf.

Hij snijdt thema’s aan als: zijn wij vrij om te kiezen, in hoeverre legt de maatschappij ons dit op? Is meer keuze synoniem voor meer geluk; is het plezier om iets te kopen en het te bezitten synoniem voor geluk?

Doordat hij dit doet op zijn eigen typische manier, waarin serieuze momenten afgewisseld worden met humor, is dit een heel vlot en leuk te lezen boekje. Het ene moment zit ik heel hard mee te knikken, het andere zit ik met een grote grijns op mijn gezicht omdat hij zaken compleet overdrijft.

Thuiskomen.

De smartphone uit de doos halen.
In het boekje zoeken hoe ik hem aanzet zodat ik hem daarna uit kan zetten zodat ik ongestoord kan lezen.
Heerlijk.

Enige minpunt is dat het naar het einde toe soms wat in herhaling viel, maar laat dat je vooral niet tegenhouden om dit boekje te lezen!

Verbeelding book challenge
12. Een boek met prentjes
20. Een boek dat je kan uitlezen op een dag

José Saramago, De stad der blinden

De stad der blinden (José Saramago)

Dit boek was het oktoberboek van de Verbeelding boekenclub op Goodreads. Aangezien ik het hier enkel vertaald naar het Engels of het Duits kon vinden en ik vertalingen bij voorkeur in het Nederlands lees, deed ik die maand niet mee, maar onthield ik het wel voor later.

Het verhaal gaat over een maatschappij waar de ene na de andere bewoner blind wordt. De slachtoffers worden geïsoleerd en Saramago schets een afschuwelijk beeld van hoe mensen zich gedragen wanneer al het normale wegvalt. Beestachtig en afgrijselijk, mensen in hun slechtste zijn, een boek dat je doet afvragen wat “beschaving” eigenlijk waard is.
De schrijfstijl van Saramago is moeilijk en ik heb er een tijdje over gedaan om er aan te wennen. Zijn ellenlange zinnen, waar de nodige leestekens vaak ontbreken, zijn dialogen, die geschreven zijn als doorlopende tekst, eveneens zonder leestekens of vermelding van de spreker, zijn personages die geen naam krijgen, maar door hun functie of duidelijkste kenmerk worden aangeduid (de taxi-chauffeur, de oogarts, het meisje met de zonnebril)… Eens je echter gewoon raakt aan deze manier van schrijven, zie je er pas het geniale van in: het versterkt de chaos, het opgejaagde gevoel, de angst van die maatschappij die je beschreven ziet en trekt je daardoor uiteindelijk juist mee in het verhaal.

Straf, dit boek! Het vervolg, de Stad der Zienden, staat alleszins ook op mijn leeslijstje nu.

Verbeelding book challenge
13. Een boek dat een prijs heeft gewonnen (Saramago won de Nobelprijs voor zijn hele oeuvre)
16. Een reeks (als ik nog De Stad der Zienden lees)

Annegreet van Bergen, De lessen van burn-out

De lessen van burn-out (Annegreet van Bergen)

Confronterend, dat is de term die dit boek wat mij betreft het beste omschrijft. Annegreet van Bergen geeft haar persoonlijke relaas van haar burn-out: hoe is het zover kunnen komen, wat zijn de gevolgen geweest, hoe is ze er weer uit gekomen.

Sommige stukken waren heel (te) herkenbaar:

Mensen gebruikten termen als “harde werkster” en “sterke vrouw” voor mij. Dat verbaasde me, want diep van binnen vond ik mezelf lui en dacht ik dat ik niet genoeg mijn best had gedaan wanneer dingen me niet lukten.

Of dit, maar vervang gymnasium en eindexamentijd door universiteit en masterthesis:

Alles welbeschouwd was de moeizame afsluiting van mijn gymnasium niet meer dan een rimpeling in een carrière die heel aardig zou verlopen. Maar de gebeurtenissen hadden kennelijk zo’n diepe indruk op mij gemaakt, dat telkens wanneer het daarna lastig werd de beelden uit mijn eindexamentijd naar boven kwamen.
Dat was de tijd dat ik het voor het eerst van mijn leven moeilijk had gehad en er onmiddellijk het bijltje bij had neergegooid. Dat beeld zou jarenlang het zicht op mezelf vertroebelen en daardoor deed ik veel harder mijn best dan nodig en verstandig was.

De schrijfster gaat weliswaar soms iets te kort door de bocht; zo schrijft ze dat ze die burn-out zeker niet was tegengekomen voor haar 30e, omdat ze toen nog de veerkracht en energie van een twintiger had of dat ze in een lagere functie (met minder verantwoordelijkheid) waarschijnlijk veel meer tijd voor rust en ontspanning zou gehad hebben. Auwtch als je dit leest als -30jarige in een lagere functie, want ja, wat voor loser ben jij wel niet dat je het dan al tegenkomt eigenlijk. Uiteraard is dat niet wat de auteur bedoelt, maar voor een boek dat een hulp moet zijn, hadden zo’n opmerkingen er gerust uitgefilterd mogen worden. Anderzijds is en blijft dit een persoonlijk verhaal natuurlijk en als dat is hoe de auteur terugkijkt op haar burn-out, dan is dat natuurlijk zo. Wie een objectief, wetenschappelijk boek wilt lezen, raad ik dan ook eerder Burn-out van Luc Swinnen aan.
Die paar keer dat van Bergen steken laat vallen, doen overigens weinig af aan het feit dat dit boek vooral zeer herkenbaar was, daardoor ook inzichten opleverde en dus zeker de moeite van het lezen waard was.

Verbeelding book challenge
3. Een non-fictie boek
10. Een boek gebaseerd op waargebeurde feiten

Silvia Avallone, Staal

Staal (Silvia Avallone)

Ook dit boek leerde ik online kennen en hoewel de korte beschrijving mij niet heel erg aansprak, besloot ik het boek toch een kans te geven.

Uiteindelijk bleef ik wat op mijn honger zitten: Avallone schetst weliswaar een mooi beeld van de minder mooie zijde van Italië, waar desillusie en rauwheid de orde van de dag uitmaken in een industriestad aan de overzijde van het toeristische Elba.
Toch werd dit boek wat mij betreft nooit echt indringend, omdat het niet verrassend was;  ik had te vaak het gevoel dat het gebeurde er al zat aan te komen. Het einde is vrij sterk, maar tegelijk het meest voorspelbare van het hele boek (ik zat er al van in het begin op te wachten wanneer dit zou gebeuren) en dat is jammer.

Veel potentieel, maar in mijn ogen haalt Avallone het er niet helemaal uit. Ik schrijf haar nieuwe romans uiteraard nog niet meteen af, maar ik hoop wel dat ze dan sterker uit de hoek komt.

Annie M.G. Schmidt, Pluk van de Petteflet

Pluk van de Petteflet (Annie M.G. Schmidt)

Nostalgie tot en met, dat was dit boekje. Ik kocht het tijdens de kerstvakantie toen ik op “kinderboekenprospectie” ging voor Johans neefjes en nichtjes en kwam uiteindelijk met dit boek voor mijzelf buiten (voor jullie mij verdenken van kindonvriendelijkheid: Johan is een dag later de deels door mij aangeraden andere boeken gaan halen, omdat we niet samen naar de winkel konden).
Ik las dit boek als “verhaaltje voor het slapengaan” en genoot, net zoals ruim 20 jaar geleden van de verhaaltjes van Pluk, mevrouw Helderder, Aagje, de Stampertjes… en de zalige tekeningen erbij. Stiekem ga ik de volgende keer dat we in België zijn een ander boek van Annie M.G. Schmidt kopen, denk ik 😉

Verbeelding book challenge
9. Een boek dat gericht is op kinderen onder de 12
12. Een boek met prentjes

Gelezen in december 2014

Was ik in november al in de wolken met zeven gelezen boeken, dan was december pas echt weer een maand zoals ik er in geen tien jaar nog een gehad heb. Ik verslond dertien boeken en sloot daarmee een fantastisch boekenjaar af, dat rustig begon, maar waar de boeken mij gaandeweg meer in meer in hun macht kregen 🙂
Het was achteraf bekeken een zeer wisselvallige maand: ik las een aantal boeken die mij nog heel lang gaan bijblijven, maar ook een paar anderen die ik zeer snel zal (en wil) vergeten.

Ik las in december:

Dimitri Verhulst, De helaasheid der dingen

De helaasheid der dingen (Dimitri Verhulst)

Dit was mijn eerste kennismaking met Dimitri Verhulst en het feit dat hier ondertussen een volgend boek van hem klaarstaat in de kast, zegt waarschijnlijk al genoeg.

Het verhaal is ongetwijfeld welbekend bij iedereen: de auteur schetst een beeld van zijn jeugd in het dorp “Reetveerdegem” (een buurdorp van waar ik opgroeide). Dat beeld is prachtig: bij momenten hilarisch, bij momenten zeer pijnlijk.
De film staat nu ook op het programma; ik ben benieuwd!

Tim Krabbé, De grot

De grot (Tim Krabbé)

Dit boek behoorde tot een serie “Boekentoppers” die ik in het middelbaar via school aankocht. Om een of andere reden las ik de serie toen niet en omdat ze toch maar stof stond te vergaren bij mijn ouders thuis, besloot ik alle boeken eens te lezen en dan te beslissen of ik ze zou wegdoen of bijhouden.

Het verhaal gaat over Egon en Axel of over Egon en Marcie, al naargelang je kiest voor de spannende, dan wel romantische kijk 🙂 Axel is de onbezonnen jeugdvriend op het slechte pad, waar Egon bij gaat aankloppen op het ogenblik dat hij geld tekort heeft. Het boek start met de afloop van de reis die Egon onderneemt en geeft daarna beetje bij beetje meer informatie over hoe de levens van Egon en Axel zich regelmatig kruisten en hoe het zover is kunnen komen.
Eerlijk gezegd denk ik dat ik dit boek beter gelezen had toen ik het kocht zo’n 10 jaar geleden. Op dat moment las ik heel graag thrillers en aanverwanten en zou dit boek mij misschien iets meer bevallen zijn. Vandaag viel het boek vooral tegen: de verhaallijn te zwak, het einde te melig en voorspelbaar.

Renate Dorrestein, Zonder genade

Zonder genade (Renate Dorrestein)

Ook dit boek behoorde tot de Boekentoppers serie en kwam na lezing al helemaal zonder twijfel terecht op de “wegdoen”-stapel.

Het verhaal had nochtans zoveel potentieel, want het schetst het beeld van een koppel dat moet omgaan met de zinloze dood van hun zoon, die op zijn vijftiende wordt doodgeschoten in een discotheek. In de lijn der verwachtingen gaan beide ouders daar op een andere manier mee om, wat zorgt voor spanningen in hun relatie. Tot daar alles goed, maar toen trok Dorrestein het hele verhaal wat mij betreft in het belachelijke met een compleet ongeloofwaardige scène.
Jammer, want dit had evengoed een heel goed boek kunnen zijn.

Kris Van Steenberge, Woesten

Woesten (Kris Van Steenberge)

Woesten was een van de decemberboeken in de Verbeelding bookclub op Goodreads en kwam daardoor op mijn leeslijst terecht. Het boek vertelt het verhaal van een familie in de Eerste Wereldoorlog vanuit vier verschillende standpunten: moeder Elisabeth, vader Guillaume, de mismaakte zoon Nameloos en zijn tweelingbroer Valentijn.

Dit debuut van Van Steenberge werd jubelend onthaald en dat is wat mij betreft deels terecht: ik was mee in het verhaal, dat vrij goed in elkaar zit en heel vlot leest. Anderzijds vond ik het hele mysterie dat werd gecreëerd, niet nodig en had het boek wat mij betreft even goed, of zelfs beter, gewerkt zonder. Het einde was uiteindelijk het meest tegenvallende, omdat het leek alsof de auteur per se met een goed gevoel wilde afsluiten, terwijl daar doorheen het verhaal juist geen aanleiding toe was.

Thea Beckman, Hasse Simonsdochter

Hasse Simonsdochter (Thea Beckman)

Ah, jeugdnostalgie dit! Ik verslond dit boek als kind meermaals, maar nu was het al heel lang geleden dat ik het nog eens gelezen had. Het verhaal, over de jonge Hasse die Jan van Schaffelaar van het schavot red door met hem te trouwen en zo terechtkomt in zijn huurlingenleger, kende ik nog, maar dat neemt niet weg dat het opnieuw genieten was van dit boek (zo zat ik opnieuw te denken “neen, neen, dat mag niet gebeurd zijn” wanneer het noodlot Hasse en Jan treft).

Thea Beckman heeft een heerlijke vertelstijl en doet wat ik zo graag lees: ze vermengt het verzonnen verhaal van Hasse met dat van Jan van Schaffelaar, die echt bestaan heeft. Giet daar nog als achtergrond de handelsstad Kampen met de Kabeljauwse en Hoekse twisten en als personages onder andere schilder Jeroen Bosch bij en je zit goed voor een jeugdboek vol historische feiten verweven in een mooi fictieverhaal.

Timur Vermes, Er ist wieder da

Er ist wieder da (Timur Vermes)

Als uitgangspunt van deze satirische roman laat Timur Vermes Hitler wakker worden in het huidige Duitsland. Wat volgt is wat je hoopt dat ondenkbaar zou zijn, maar tegelijk schrikwekkend realistisch lijkt: hij maakt carrière als comedian op TV en krijgt zo de massa terug op zijn hand. Het boek was pijnlijk en confronterend (lang leve de like-generatie), maar tegelijk ook hilarisch.

Ik las dit boek in het Duits en vond het zeker niet makkelijk qua niveau; ik spreek vrij goed Duits, maar heb toch regelmatig woorden moeten opzoeken en paragrafen even moeten herlezen om ze goed te begrijpen. Anderzijds raad ik iedereen die Duits spreekt, toch aan om het in de oorspronkelijke taal te lezen. Je hoort Hitler bijna spreken, zoals je hem kent van videobeelden, en ik vermoed dat dat aspect verloren gaat bij een vertaling. Ook bepaalde woordgrapjes lijken mij moeilijk te vertalen.
Alleszins zeker een aanrader!

Bart Moeyaert, Verzamel de liefde

Verzamel de liefde (Bart Moeyaert)

Ah, Bart Moeyaert, wat kan ik hierover zeggen. Lees eens dit of dit en jullie snappen wel wat ik bedoel. Mooi om af en toe in te lezen en je in te wentelen als onder een zacht, warm dekentje.

Jack Klaff, Bluffen over… quantummechanica

Bluffen over... quantummechanica (Jack Klaff)

De Bluffen over…-serie geeft telkens een korte inleiding op een onderwerp, in dit geval quantummechanica, maar er bestaan ook boekjes over fotografie, opera, wijn…
Voor mij was het voornamelijk een opfrissing met onder meer een uitleg over causaliteit, Schrödingers kat, het deeltjes-/golfprobleem… Daarnaast is er ook een hoofdstuk gewijd aan de belangrijkste natuurkundigen, waarbij Einstein uiteraard niet kan ontbreken, maar ook Pauli, de Broglie, Feynman e.a. aan bod komen.
Op zich is het een goede inleiding, maar zeker niet meer dan dat. Elk onderwerp wordt maar heel kort behandeld en vooral het hoofdstuk over natuurkundigen was wat mij betreft niet nodig of had heel anders moeten aangepakt worden. ’t Is allemaal ongetwijfeld grappig bedoeld, maar ik hou toch wel van iets minder flauwe humor.

Gijs Haag, Tiny bezoekt Brussel

Tiny bezoekt Brussel (Gijs Haag)

Ik kocht dit boekje ooit in een opwelling van Tiny-nostalgie, gecombineerd met Brusselliefde. Het behoort weliswaar niet tot de echte reeks, maar vertelt het verhaal door een combinatie van tekeningen van Gijs Haag met foto’s van historische plekken in Brussel. Tiny en haar vriendjes bezoeken in Brussel onder andere de Grote Markt, Mini Europa en het Atomium, het huis van Victor Horta… Al bij al een leuke gids om met kinderen een dagje naar Brussel te gaan, al moet je dan wel opletten dat ze niet verwachten om ook in de bollen van het Atomium te mogen slapen 😉

Griet Op de Beeck, Kom hier dat ik u kus

Kom hier dat ik u kus (Griet Op de Beeck)

Kom hier dat ik u kus vertelt het verhaal van Mona, als kind, als vierentwintigjarige en als vijfendertigjarige. Het gaat over mensen en hun onderlinge relatie, over hoe gebeurtenissen in iemands jeugd een leven lang sporen nalaten. Dit boek kroop onder mijn vel, kwam bij momenten heel dichtbij (gelukkig niet altijd) en hield mij vast.
Vele hemels boven de zevende vond ik nog net iets sterker, omdat daar het ganse boek op hetzelfde niveau bleef. Hier vond ik voornamelijk het stuk met Mona als kind heel sterk, het tweede deel was iets minder en het laatste deel weer beter.
Desondanks: ik hou van Griet Op de Beeck en haar schrijfstijl! Ze schrijft zo schoon, zo echt, zo dichtbij. Ik leende dit boek in de bibliotheek, maar al direct na het uitlezen wist ik dat ik het zou kopen. Zoals bij de meeste boeken was ik immers begonnen met mooie passages op te schrijven (of er een foto van te nemen), maar het zijn er gewoon teveel. Ik wil dit boek in huis hebben om eens stukjes van te herlezen. Niet te vaak, want daarvoor doen ze soms teveel pijn. Maar toch, zo schoon jongens!

Stephanie Duval, How blogs work

How blogs work (Stephanie Duval)

Ik was oorspronkelijk niet van plan dit boek te lezen, maar toen ik het in de bibliotheek zag staan bij de boeken in de kijker, voegde ik het toch toe aan mijn stapeltje. Verloren leestijd was het niet, daarvoor stonden er af en toe wel handige tips in, maar dit boek is toch echt wel gericht op een ander type blogger dan ik zelf ben. Geen probleem uiteraard met bloggers die geld willen verdienen aan hun blog (waarom niet, tenslotte), maar dat is niet mijn bedoeling en dan is een groot deel van dit boek overbodige informatie.

Kelly Deriemaeker, Blogboek

Blogboek (Kelly Deriemaeker)

Euhm ja, een introductie heeft dit boek ook niet meer echt nodig zeker. Dat ik het wel kon smaken, hadden jullie waarschijnlijk ook al door, anders zouden er hier immers geen berichten onder de tag “projectblogboek” verschijnen…

Leuke lay-out, een heel aangename, luchtige schrijfstijl en veel nuttige tips, die – in tegenstelling tot het vorige boek – niet enkel kijken naar hoe je geld kan verdienen met je blog, maar die vooral aandacht besteden aan hoe je plezier kan hebben aan bloggen. Eentje dat voor inspiratie gezorgd heeft en af en toe nog eens doorbladerd wordt.
Eén klein nadeel: geen enkel idee lijkt nu nog origineel, ook al heb je het bedacht voor het lezen van dit boek 😉

Willy Vandersteen, Suske en Wiske, Nr. 338: Sterrenrood

Suske en Wiske, Nr. 338: Sterrenrood (Willy Vandersteen)

Als kind was ik zot van Suske en Wiske en dat eigenlijk om dezelfde reden als waarom ik onder andere Hasse Simonsdochter zo graag gelezen heb: de verhalen mengen immers fictie met historische feiten. De laatste jaren gebeurde dat echter minder en minder, waardoor ik wat was afgehaakt (ok, misschien ook omdat ik ondertussen groot geworden ben 😉 ).

Deze Sterrenrood is er echter opnieuw eentje in de goede, oude traditie: gestoeld op het verhaal van de Red Star Line en de mensen die met dat schip de overtocht maakten, maar dan gecombineerd met een diamantensmokkel en Suske en Wiske die het uiteraard moeten opnemen tegen de smokkelaars. Leuk!

Bron afbeeldingen: Goodreads

Gelezen in november

Euhm ja, eigenlijk was het de bedoeling om vandaag “Gelezen in december” te posten, maar toen ontdekte ik dat ik “Gelezen in november” nog niet eens gepost had. Jup jup, een bericht volledig afwerken, inplannen en dan enkel op opslaan en niet op publiceren drukken, ik kan dat…
December komt er dus nog aan, maar bij deze eerst november, de maand waarin ik de volgende zeven boeken las:

Bruss. 2. Brussels in shorts

Bruss. 2. Brussels in shorts

Brussels in shorts is een stripreeks van mijn favoriete boekhandel Passa Porta. Bedoeling is dat een aantal stripauteurs uit binnen- en buitenland een grafisch kortverhaal maken rond Brussel: twee jaar geleden draaide het in de eerste uitgave rond de Oude Graanmarkt; in dit tweede nummer komen Brusselse hotels aan bod.
Het leuke aan deze serie vind ik dat je enerzijds in de strips op zoek kan gaan naar herkenbare Brusselse plekken en anderzijds een hoop auteurs in één keer kan ontdekken. Zo was ik aangenaam verrast door het kortverhaal van Stedho die Brussel het Wonderland van Alice laat zijn. Ook het verhaal van Laure Allain en Michaël Olbrechts, “Onze vader” vond ik absoluut de moeite. De kleurrijke, psychedelische strip van Gwénola Carrère was dan weer iets minder mijn ding.
Al bij al een mooie opvolger voor Bruss. 1. Ik ben benieuwd naar het thema voor nummer 3!

Alain de Botton, The Architecture of Happiness

The Architecture of Happiness (Alain de Botton)

Alain de Botton praat over architectuur, niet in de technische zin, maar over hoe architectuur ons en onze levens reflecteert, hoe architectuur een invloed kan hebben op hoe we ons voelen, hoe onze culturele achtergrond bepaalt welke architectuurstijl ons zal aanspreken…
Ik las dit boek voor het eerst tijdens mijn opleiding ingenieur-architect en toen liet het een grote indruk na. Het was toen een echte “eye-opener”, wat dit keer natuurlijk minder het geval was. Ik had nu ook vaker het gevoel dat over bepaalde stukken iets te losjes werd overgegaan en dat wat diepte ontbrak. Minder enthousiast dan toen dus, maar het boek blijft desondanks wel de moeite waard.

Karen Joy Fowler, We are all completely beside ourselves

We are all completely beside ourselves (Karen Joy Fowler)

Dit boek stond op de shortlist van de Man Booker Prize te staan en las ik als novemberboek voor de Verbeelding boekenclub. Het verhaal gaat over Rosemary Cooke, die als kind nooit stopte met praten, maar zich nu hult in stilte, zeker als het gaat over haar ongewone familie. Ze is nu enig kind, maar had ooit een even oude zus en een oudere broer, die beiden uit haar leven verdwenen zijn.
Het is moeilijk om meer over het boek te vertellen zonder te veel prijs te geven, maar de korte samenvatting hierboven doet het verhaal alleszins geen eer aan. Verwacht je aan een verhaal over hoe gebeurtenissen in onze jeugd ons leven kunnen bepalen, over wetenschappelijke experimenten…
Het eerste hoofdstuk was ok, maar niet speciaal, maar daarna dan zat ik helemaal in het verhaal en was het moeilijk om het boek nog aan de kant te leggen.
Zonder twijfel het beste boek dat ik in november las.

Bruce Brooks Pfeiffer, Frank Lloyd Wright, 1867-1959: Bouwen voor de democratie

Frank Lloyd Wright, 1867-1959: Bouwen voor de democratie (Bruce Brooks Pfeiffer)

Ik heb mij voorgenomen om mijn Taschenreeks over architecten eindelijk eens volledig te lezen i.p.v. gewoon af en toe eens te doorbladeren. De eerste in de reeks gaat over Frank Llyod Wright, voornamelijk bekend voor zijn magistrale Fallingwater (op de cover) en het Guggenheim in New York.

Het is een goede introductie tot het werk van Wright, startende met een tekst over de architect zelf om daarna in twee pagina’s per project zijn oeuvre te doorlopen. Meer dan een introductie is het echter niet, omdat daarvoor de beschrijvingen per project te kort zijn. Een goed boek dus voor wie kennis wil maken met Wright of, zoals ik, een overzicht wil krijgen van zijn oeuvre (inclusief de minder bekende werken), maar voor diepgaande analyses bestaan er ongetwijfeld betere werken.

Reinaart de Vos

Reinaart de Vos

Het verhaal is iedereen wel bekend, veronderstel ik? 🙂 Deze versie dateert van 1958 en doet daardoor ook gezellig ouderwets aan qua typologie en tekenstijl.
Leuk om nog eens gelezen te hebben.

Erwin Mortier, Marcel

Marcel (Erwin Mortier)

Marcel, het debuut van Erwin Mortier, vertelt het verhaal van een familie die een oorlogsgeheim met zich meedraagt vanuit het standpunt van een kleine jongen.
Dit is weliswaar een origineel standpunt en het verhaal zit goed in elkaar, maar de schrijfstijl was niet echt mijn ding en het boek “greep” mij ook nooit echt.

Leo Pleysier, Wit is altijd schoon

Wit is altijd schoon (Leo Pleysier)

Als je moeder, die je je leven lang bedolven heeft onder gepraat, sterft, dan stopt haar gepraat niet zomaar. Leo Pleysier laat de moeder het hele boek aan het woord in wat tegelijk een afscheidsrede en een verderzetten van het altijd aanwezige gepraat is.
Bij momenten een beetje grappig, deels door het taalgebruik, bij momenten een beetje ontroerend, maar wat mij betreft blijft het bij dat “beetje” en wordt het het nooit echt helemaal.

Bron afbeeldingen: Goodreads

Verbeelding Read-a-thon december conclusie

Ik liet vorige week weten dat ik mee wilde doen aan de Verbeelding Read-a-thon en bij deze is het tijd om eens te kijken naar wat er hier zoal gebeurde op leesvlak.

Readathon (Verbeelding)

Korte samenvatting van de planning: Er ist wieder da van Timur Vermes uitlezen en ofwel Woesten ofwel Hasse Simonsdochter volledig lezen en beginnen in het andere.

Wat ik effectief las:

  • Er ist wieder da: uitgelezen! Goed voor 282 blz.
  • Woesten: uitgelezen! Goed voor 382 blz.
  • Hasse Simonsdochter: uitgelezen! Goed voor 328 blz.

Als ik er mijn “toiletlectuur” ook bijreken, namelijk The Dilbert principle, dan kom ik met nog eens 27 blz. erbij zelfs boven de – vorige week nog onhaalbaar geachte – grens van 1000 pagina’s. Deze week was met andere woorden een groot succes!

Elke week zo’n read-a-thon zou wat van het goede teveel zijn uiteraard, want ik keek deze week bewust geen enkele serie ’s avonds (wel een film zaterdagavond). Maar, en dat is wel eentje om vol te houden, ik deed ook al eens sneller mijn laptop uit om nog wat te lezen. Niet nodig als ik nog nuttige dingen aan het doen ben op die laptop, maar wel een veel beter alternatief dan nog maar eens kijken naar mijn mails, een nieuwssite, Facebook, Feedly…

Ik duim alvast dat er na de read-a-thons van september en december een nieuwe versie komt in maart (of vroeger, dat mag ook 😉

Verbeelding Read-a-thon

De laatste tijd heb ik mij weer helemaal in het lezen gestort, getuige daarvan ook de maand november waarin ik zeven boeken las. Zeven, dat is geleden van zo lang geleden dat ik zelfs niet meer weet van wanneer het geleden is.
Ondertussen leerde ik ook de voordelen van Goodreads kennen (na een mislukte poging vorig jaar, toen ik het vooral pure chaos vond) en sloot er mij aan bij de Verbeelding boekenclub, opgericht door Kathleen van – duh – Verbeelding. In september organiseerde ze al eens een Read-a-thon (ofte lees zoveel mogelijk in één week tijd), maar aangezien die doorging in de week waarin mijn broer en zijn vriendin op bezoek kwamen, zou het nogal asociaal geweest zijn om dan mee te doen 🙂

Readathon (Verbeelding)

Komende week gaat echter de tweede Read-a-thon door en dit keer doe ik wel mee!
Op de planning staan:

  • Er ist wieder da: de debuutroman van Timur Vermes, over Hitler die ontwaakt in het hedendaagse Duitsland.
  • Woesten van Kris Van Steenberge: opnieuw een debuutroman, die blijkbaar heel erg de moeite zou zijn. Dit boek is bovendien ook een van de decemberboeken van bovenstaande boekclub, dus twee vliegen in één klap.
  • Hasse Simonsdochter van Thea Beckman: for old times’ sake, want al een paar keer gelezen, maar de laatste lezing dateert toch alweer van een aantal jaar geleden.

In Er ist wieder da heb ik momenteel 114 van de 396 pagina’s gelezen; ik hoop dit boek tegen het einde van de week uit te lezen. Daarnaast wil ik ofwel Woesten ofwel Hasse Simonsdochter volledig uitlezen en beginnen in het andere. In het ideale geval lees ik ze alledrie uit, maar aangezien we dan spreken over bijna 1000 pagina’s waarvan ongeveer 280 in niet zo makkelijk Duits, denk ik dat dat wat te hoog gegrepen is.

Ik hou voor mijzelf wel de optie open om een van bovenstaande boeken aan de kant te laten liggen en in een ander boek te beginnen; het moet tenslotte plezant blijven en als ik er geen goesting in zou hebben, dan is dat maar zo 🙂

Volgende week een update van wat ik effectief gelezen heb!