Post uit 2009 (4)

Tien jaar geleden deed ik een Eramusuitwisseling in Cottbus. Ik hield toen een blog bij waarop ik – in briefvorm – familie en vrienden in België op de hoogte hield van wat ik daar deed. Er verscheen weliswaar bijlange niet zoveel als wat ik effectief allemaal deed / bezocht, maar dit jaar herpubliceer ik die vijf berichten. Vandaag de vierde blogpost:

Wroclaw, verkeersstad

Hallo allemaal,

Veel werk en een blitzbezoek aan België later is het werk nog niet verminderd, maar werd het toch wel tijd voor een nieuwe post. Sinds Dresden is er al serieus wat gebeurd, maar ik zal maar gewoon bij het begin aanvangen en dat was een driedaags bezoek aan Wroclaw. En voor wie denkt “gaat die nu weer op uitstap, die Erasmussers moeten niet werken zeker…” 🙂 . Het ging hier wel degelijk om werk voor de univ, want onze ontwerpsites liggen daar. Inderdaad, zoeken ze het op de VUB soms in de kleinste hoekjes van België (remember Tielrode), hier gaan ze zelfs over de grens een plek zoeken.

Wroclaw (of in het Duits: Breslau) ligt 230km van Cottbus of – voor jullie in België – 1070km van Brussel en is met bijna 650.000 inwoners de vierde stad van Polen. We konden voor ons ontwerp kiezen tussen Berlijn of Wroclaw, maar omdat de meeste Duitse studenten hier al meer dan één keer in Berlijn hebben moeten werken, was de keuze voor Wroclaw snel gemaakt. Van 16 tot 18 april trokken we dus met de ganse groep naar ginder. En die autoreis op zich was al een belevenis: net zoals je in België bij wijze van spreken met je ogen toe aan de fietspaden kan voelen dat je de grens met Nederland bent overgestoken, kon je hier aan het wegdek voelen dat we op een Poolse autostrade zaten. Eén van mijn meest gehate borden in België zijn diegene die putten in de weg aanduiden (ik denk dan altijd: ipv een bord te zetten, maak die putten gewoon!), maar in België gaat het dan over 1 kilometer, in Polen over stukken van vb. 15km. Het was dus nogal hotsen en botsen met veel snelheidsbeperkingen tot 70km/h, al reden we op een bepaald moment amper 30km/h. Onze chauffeur Anja zag het al even niet meer zitten met haar autovering die gewend is aan de goede Duitse wegen 🙂

Nu ja, we zijn veilig en wel in Wroclaw geraakt, waar we op donderdag eigenlijk niet veel meer deden dan eten en uitgaan met een paar Poolse studenten. Op vrijdag begon het echte werk: omdat ons ontwerp in samenwerking loopt met de Universiteit van Wroclaw, gingen we eerst naar ginder. Onderweg heb ik gelukkig een paar bezienswaardigheden gefotografeerd, want voor de rest hadden we daar niet de tijd voor om die te bekijken. Zo zijn we langs het stadhuis op de Grote Markt en de Dom van Wroclaw gelopen. Die laatste lag vroeger op een eilandje, het Dominsel, maar sindsdien is een van de armen van de Oder dichtgemaakt; de naam “Domeiland” blijft men echter nog altijd gebruiken. De faculteit architectuur zelf is gevestigd in een oud gebouw met binnenin mooie gewelven.

Raadhuis
Dom van Wroclaw
Architectuurfaculteit

Van de Poolse studenten kregen we een inleiding op onze sites, waarna we ze dan “live” gingen bekijken. De eerste site is het Johannes-Paules-II-plein, dat je eigenlijk kan omschrijven als één grote verkeerschaos: vier rijvakken in elke richting en daartussen ook nog tramsporen. Ik weet dat sommige in Brussel vinden dat ik te weinig schrik heb voor het verkeer en “te vlot” de Triomflaan oversteek, maar echt waar, hier zou ik het gewoon niet durven. Voor de voetgangers zijn er dan ook ondergrondse tunnels gemaakt, iets wat ze nog op andere plaatsen in de stad toepassen.
Ik kan deze plek eigenlijk niet beter omschrijven dan onze prof deed: “Je vraagt je af wat de paus moet fout gedaan hebben om door de katholieke Polen zo een plein naar hem vernoemd te krijgen”

Onze tweede site is het Swiebodzki-station, vroeger een belangrijk verbindingsstation, maar vandaag gebruikt als disco. Het ziet er langs de voorkant nog vrij goed uit, maar langs de achterkant is het gewoon een verlaten puinhoop, waar op zondag een soort vlooienmarkt plaatsvindt.


Derde site tenslotte is de Pilsudski-straat, die van het Johannes-Paules-II-plein via het Swiebodzki-station naar het huidige station loopt. En ook hier weer veel verkeer, al duikt er dan plots ook wat kunst op langs de straat.

Het oude centrum van Wroclaw is heel mooi en rustig, maar eens daarbuiten is alles gericht op verkeer en snelheid. Een straat onder de spoorweg, vlakbij het station, is een extreem voorbeeld, maar toont wel aan hoe weinig ze hier rekening houden met voetgangers (en fietsers, dat kennen ze hier blijkbaar helemaal niet…).

Een paar weken later en heel wat onderzoek verder hebben we al gemerkt dat onze ontwerpopgave (stedelijke vernieuwing) niet makkelijk wordt: we moeten eigenlijk als stadsplanners een volledig concept uitdenken voor deze drie sites met functiebepaling en organisatie. Dat het verkeer hierin heel belangrijk is, was al van bij het begin duidelijk, maar is helemaal niet zo makkelijk. Het is er nu al overvol, maar daarnaast willen ze in de toekomst de nabijgelegen luchthaven internationaal ontwikkelen én een nieuwe autostrade aanleggen om Wroclaw beter te verbinden met de rest van Europa, wat absoluut nodig is, zeker nu Polen tot de Europese Unie behoort. Jullie horen het dus, het zal nog serieus wat bloed, zweet & tranen kosten om hier een goed ontwerp uit te krijgen, maar bon, op het gebied van “tot het uiterste gaan” zijn we met vakken als beton & staal op de VUB wel genoeg getraind 🙂

Tot slot wil ik jullie nog de mascotte van Wroclaw tonen. Zoals er in Berlijn beren langs de straat staan, vind je hier hier en daar kleine dwergen. In de ganse stad staan er zo’n honderdtal, zodat je je alleen al met het zoeken naar de kleine beeldjes een dag op zich kan bezighouden. Ze staan symbool voor de Pomaranczowa Alternatywa (het Oranje Alternatief) oftewel het ondergronds protest tegen de communisten.

Zo, jullie zijn weer een beetje up-to-date, ik probeer zo snel mogelijk nog wat meer te schrijven, want onder andere Potsdam is ondertussen ook al gepasseerd.

12 Comments

  1. Dat lijkt mij wel een leuke opdracht eigenlijk, plannen maken voor stedelijke vernieuwing! Ik zou het nog wel interessant vinden om dat eens te doen. Wij waren het jaar nadien (2010) in Polen en ook even in Wroclaw. Als toerist, dus ik denk niet dat we veel buiten de oude stad zijn geweest. Het drukke verkeer herinner ik me niet, het stadhuis en die kabouterkes wel.

    1. Ja, ik vond dat ook een heel leuke opdracht indertijd! Niet leuk genoeg om mij van mijn interesse voor monumentenzorg af te brengen 😉 Maar wel een heel leuke afwisseling met de “gewone” architectuurontwerpen aan de VUB. Was ook een heel toffe verrassing toen ik in Cottbus toe kwam: dat er niet één ontwerpvak was, maar meerdere tegelijk en ik kon kiezen wat voor ontwerp ik het liefste wilde doen. Op zich zou een gebouw meer in mijn comfortzone geweest zijn, maar ik vond het leuk ook eens stedelijk ontwerp uit te proberen en ben nog altijd blij dat ik die keuze toen maakte. Want ook al doe ik er professioneel niets mee, het was sowieso heel interessant en verrijkend om er eens van te proeven.
      En ja, als je binnen de oude stad blijft, valt dat verkeer (gelukkig!) helemaal niet zo op. Ik zou er ooit nog wel eens terug naar toe willen; om die oude stad rustiger te kunnen bekijken én om eens te zien of die grote verkeerspunten ondertussen aangepakt zijn 🙂

  2. Ik bedenk met steeds wanneer ik deze posts zie verschijnen dat je familie en vrienden ongetwijfeld heel blij zijn dat je via je blog en emails kon laten weten hoe het met je ging. Voor ons lijken die zaken nu vanzelfsprekend maar vroeger was het contact onderhouden natuurlijk een pak omslachtiger dankzij trage post en onbetaalbare internationale telefoongesprekken.

    1. Ja, dat is waar! Telefoneren was bij mij ook nog wel duur (lang leve roaming tegenwoordig; juist jammer dat Zwitserland niet meedoet 😉 ), waardoor ik niet zomaar even belde, maar er was natuurlijk wel al skype, waardoor dat ook geen probleem meer was.
      Als ik dat vergelijk met mijn grootouders toen die naar Congo gingen: die konden enkel via brieven contact houden en die waren dan nog eens weken onderweg…

      1. Tijdens mijn uitwisseling in 1995 heb ik op 1 jaar 4 keer kort met mijn ouders gebeld want “oei oei oei, dat is duuuuuur”. (standpunt van mijn ouders).

        Ik schreef wel ellenlange brieven elke week maar die deden er 2 weken over enkele richting, dus als ik iets vroeg kreeg ik 1 maand later een reactie. Dat was zalig want daar ben ik dus wel compleet zelfstandig mee geworden en had ik geen last van bemoeienissen of commentaar van het thuisfront.

        Nu is het zo moeilijk geworden om dat echt even los te laten. Alle communicatiemiddelen zijn fantastisch. Dankzij social media blijf ik de vriendencontacten aan de andere kant van de wereld te onderhouden, maar ik ben in feite wel blij dat dat eventjes niet kon toen in die tijd. Op uitwisseling zijn maar elke avond op FB commentaar geven op de activiteiten van je vrienden thuis, moet toch net een heel andere ervaring zijn.

        1. Ja, dat is absoluut waar. Ik had voor ik op Eramus vertrok geen facebook, ondanks dat quasi al mijn studiegenoten dat wel hadden (aja, ik zag hen elke dag op univ, dus wat was daar het nut van? 🙂 ). ’t Is pas toen ik uit Cottbus vertrok dat ik een profiel gemaakt heb, om contact te houden met de mensen die ik daar leerde kennen. En inderdaad: ik ben ook blij dat ik daardoor relatief “weg” was. Niet zoals bij jou natuurlijk, want er kwam wel eens een mailtje van vrienden of een reactie op een van de blogs en ik belde ongeveer 1x per week wel met mijn ouders, maar elke avond contact met “thuis”, nope, dat gebeurde niet en wilde ik ook niet (behalve misschien die allereerste dag, omdat ik toen efkes het gevoel had “aaaargh, wat heb ik gedaan, ik ken hier niemand” 🙂 ). Lijkt mij inderdaad ook een heel andere ervaring dan. Misschien zouden Erasmusstudenten enkel zonder smartphone mogen vertrekken 😉

  3. Wroclaw was, als ik het mij goed herinner, de eerste Poolse stad die we bezochten op de autocarrondreis toen ik 14 was. Dresden was onze eerste overnachting op die reis. Wel grappig dat je blogposts dus dezelfde volgorde nemen 🙂 Ik herinner me van de stad vooral de koddige naam (Vrotswaf, of dat heeft men mij toch wijsgemaakt), dat er een marktje was en dat we er onze eerste zloty’s gingen wisselen. Het verkeer herinner ik mij niet, het raadhuis komt me wel vaag bekend voor. Die dwergjes hebben we blijkbaar helemaal gemist!

    1. Ha, dat is wel grappig ja, zeker omdat het bij mij helemaal geen rondreis was 🙂
      En ja, inderdaad, je moet het als Vrotswaf uitspreken 🙂 En begod ja, zloty’s. Dat was ik al helemaal vergeten 🙂

Laat een reactie achter op zwartraafje Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *